Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 374

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 374

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

374

XXIV. HOOFDSTUK

ZOND.

dus

dat de mensch die rein en gaaf in zijn wortel staat, zich in Gods

uit,

Wet

het spoor ziet voorgeteekend, waarlangs

God

zijn

komen,

uit te

en in de zaligheid van

vorm

menschelijke

God

zijn

God

zou

hem

God de

's

menschen

God voor

niets

„mensch

mensch bestemd

dien

Deugd. Die twee scheiden kan wel de zondaar, maar

bij

Wezen

ligt

de band, die

saamgevoegd drukken het Wezen Gods

nu

ook

God

zelf de

onwrikbare

zijn

is

één

Komt

dus

volzalig uit.

den mensch den regel vaststellen, dat

voor

heiligheid even zeker

in

als

door

iets

hem

niet ontgaan kon, en

deel dat

Heere. In zijn eigen

Werkverbond

ligt,

hem

met eeuwige volzaligheid verbindt. Volheilig en

begrip. Die beide

het

zoo

krachtens die bestemming Gods, rechtens toegekomen.

Zaligheid hoort

heiligheid

Adam,

duiden, dat

te

schelden, noch iets te vergeven. Hij ware dan de

zijn kwijt te

niet

hier slechts een

is

het eeuwige leven, en het eeuwige

bij

zou hooren, dat het

Gods" geweest en het eeuwige had, ware

God past

hoort, op zijn

bewoog, met noodwendigheid, en zonder dat God

toe

hem

bij

aan

met menschelijke gelukzaligheid verbonden met

volheiligheid

zijn

volzaligheid

is

vereenigd,

dan gebeurt er niets anders dan dat God de Heere het stempel van

Wezen op ons menschelijk

eigen

Dat Werkverbond zoo

bij

Wie

is

dus niet een mechanisch ingeschoven

iets,

dat er

komt, maar dat ook had kunnen uitblijven, of weer weg kon gaan.

God Adam

dat

aangaan;

zoo

ja,

riep

neem deze

en

Adam

is.

„Wilt

zei:

dan zou Ik u voor

kunnen aanbieden!"; en dat

dit

Er gij

is

nooit een oogenblik

een verbond met mij

verbond deze en die conditiën

toen zou geantwoord hebben: „Heere,

conditiën aan, en sluit dus het verbond"; en dat de Heere

verklaard zou hebben, dat dus van dit oogenblik af dit verbond

daarop

was

zijn

leven zet.

dat nog altoos waant, vat niet wat het

geweest

ik

bij

langs dat volmaakt zuivere spoor, naar

uit,

de vingers zag, zoo onafscheidelijk leven

om

om

loopen heeft,

Verdienste

deelen kan.

uitdrukking,

punt

te

hij

God

één, die bij zijn

als zijn

van

zich van dat heilige

hij

III.

en nu voortaan gelden zou; althans zoolang

aangegaan,

Adam

het

niet brak.

Zoo zouden menschen moeten doen, maar zoo doet God

Werkverbond

het

Neen,

De band

in

die

zijn

vloeit rechtstreeks uit

Wezen

en

voor

wordt.

schepsel

alle

is

bijgekomen, maar was er toen

geschapen. het

En

paradijs

nooit, nooit is

geweest,

is,

gelden voor heel

waarin

wil voort.

zijn zedelijke wereld,

dat in die zedelijke wereld door

Werkverbond

Dat

Gods eigen

volheiligheid en volzaligheid onlosmakelijk

God

saamsnoert, moet omdat Hij

niet.

er

dus

Adam

niet

Hem

eerst later als

geschapen wierd.

geschapen

iets

Adam

vreemds

wierd er in

er ook maar één ondenkbaar oogenblik in

dat Verbond der werken voor

Adam

niet

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 374

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's