E voto Dordraceno - pagina 131
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXI. HOOFDSTUK IV. gonneii
Hem
deze
is,
ontwrongene wereld terug
Immanuël een Overste der heirscharen en
in
131
te eischen,
in zijn
en zich daartoe
Kerk een
leger voor-
zien heeft; een leger dat door de bovennatuurlijke daad van de wederge-
boorte als „Volk des Heeren" ontstond, en bestemd
is,
ouder
zijn
Hoofd
en Koning, het Godsrijk in heel de sfeer dezer schepping, op Satan, die
Gods vijand
Thans
te heroveren.
is,
nagegaan,
dient
wat wijze
op
deze heirschare, deze
dit leger,
keurbende, deze slagorde des levenden Gods ontstond en voortbestaat tot
De Catechismus
op heden.
zegt toch, dat de
Kerk
is
„eeti
gemeente, d.
uitgelezen schare, die ten eeuwigen leven verkoren is en die de
door zijn Geest en zijn
Woord
tot
den einde
toe."
dit laatste.
God de Heere had den hof van Eden aan Adam Gen. Il
gelijk
betcaken
Adam
wat
;
:
15
zegt, niet alleen te
natuurlijk
zonder
slag
of
om
dien,
dien te
zeggen wil te bewaken tegen Satan. Dit deed
stoot
dat er terstond van
alzoo,
om
toevertrouwd,
bebouwen, maar ook
echter niet. Laf en schandelijk pleegde
Gods
Zone Gods
vergadert, beschermt en onderhoudt, en zulks
wel van den aanheginne der wereld,
Letten we eerst op
aan Satan
hij
verraad en gaf deze veste
over. Juist
daarom moest het nu
Gods wege weer bezetting
in deze wereld ge-
legd wierd. Satan mocht de wereld geen oogenblik onbetwist bezitten. zoo
we dan ook
zien
in
Abel (om nu van
ons verder geen geestelijke zaak
gelijk
Gods. der
Adam
meegedeeld,
te
en Eva, omtrent wie zwijgen) reeds in den
Hebreen XI ons
En van
leert,
die zijn bloed stort voor de zaak zijns
die ure af voert de Heilige Schrift ons aldoor een
wolke
getuigen voor, die onafgebroken tot op Abraham, den Vader der ge-
loovigen,
de
is
En
aanvang een krijgsknecht des Heeren optreden, een held des ge-
eersten loofs,
i.
doorgaat. Bij
wereld
plotseling
Noach een
grijpt in de
verhouding van deze kerk
machtige verandering plaats.
Was
tot
het dusver
geweest een bijna onvindbaar kerkje tegenover een ontelbare menigte der
nu
wereld,
verdrinkt
opeens
al
wat van de wereld was, en alleen het
kerkje des Heeren schuilt in de arke en drijft op de wateren.
kleine
overmacht
der
wereld
is
De
zoodoende gestuit, de kerk voor overweldiging
beschut, en na den Zondvloed begint er een nieuw leven onder gunstiger
omstandigheden. Toch niet zoo alsof Satans is
mee
in
dronken
de arke ingegaan
;
van den wijn en begaat
Cham
zijn
kruipt en sluipt dan ook spoedig weer voort.
Babel goede in
is
de opstand tegen
stroom,
dat
God
Abraham
Kanaan, schier eenhngen
rijk
nu
uit had,
want de zonde
en terstond na den Zondvloed
zijn,
afgod komt weer op. Bij
En
zoo snel verloopt de
Melchizedek, de één in
om
Noach
Het kwaad
schandelijkheid.
De
reeds volkomen.
en
ligt
IJr,
den dienst huns Gods
te
de andere
bewaren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's