Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 563

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 563

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

565

ZOND. Lil. HOOFDSTUK IIL

oogen

is,

openbaren afval komt.

tot

te klein in

zoeken

trots

ons in te dringen, en de

bij

men

dat

hart verliest het

God

stille

gezindheden

En daarom is het zijn God aan-

van ons weg.

vluchten

ootmoed

en

nederigheid noodzakelijk,

zoo

Maar het

niet.

onze schatting. Zelfverheffing loert aan de deur van ons hart.

Hoogheid en

van

Neen, dat

o,

aanstonds

zijn onmacht en onwaardigheid. Wij worden te groot en

van

besef

men daarom

en af te gaan van onzen God. Niet dat

ook in den dag van voorspoed

roepe, of Hij den voorspoed en dat geluk ons niet tot een vloek doe wor-

den, en of Hij

zelf,

al

bij

wat Hij ons schonk, toch

blijve in leven

en in

sterven ons hoogste goed.

En

hierbij

in de derde plaats die buitengewone verzoe-

komen dan nog

God ons

kingen, die ontstaan doordat juist

tijdelijk zijn

genade onttrekt, en dat

op oogenblikken, waarin we aan groote verleiding

tot

sonde blootstaan. Dat God ons verlaat, heeft dan meestal vroegere zonde, zoodat

ons leeren

wil,

aan David, ge

God de Heere, door ons

genade weer op beteren

zijn

ving onder de kinderen Gods.

Dan

God

ontbloot de Heere

worden,

laat

zonder

daarom

Hij

u een

zijn is

Om

genade

u

Ge

ziet dit

uw eigen omgein uw eigen leven.

het wel in

het wei ervaren

uw

oorzaak in

te onttrekken,

zorgeloosheid tot zonde te doen

tijdlang aan uzelven over, ten einde proefonder-

hoe ge buiten

te toonen,

vindelijk

Ge hebt

u.

zijn

genade

zijn

prijs te schatten.

Ge zaagt

het aan Petrus.

ziet

aanmerkelijke

gereede

een

Hem

nog midden

in

den dood

ligt,

prooi van zonde en verderf wordt.

zijn

toevlucht,

neme, en nimmer opdat

hij,

En

het zoo noodig, dat Gods kind, zoodra zulk een toestand van

geestelijke verlatenheid intreedt, niet voorthoUe in zijn eigen kracht,

aanstonds

en

ook

al

aflate

moet

met

hartelijk

noch ruste, eer hij

smeeken en roepen, hij

zijn

God

tot zijn

God

heeft weergevonden,

door verleiding en verzoeking heen zijn

vervolgen, er niet inga zonder de gemeenschap zijns

maar

weg

Gods.

DERDE HOOFDSTUK. Zyt nuohteren, en waakt; want duivel, gaat

om

uw

tegenparty, de

als een brioschende leeuw,

zoekende

wien hy zou mogen verslinden. 1 Petr. 5: S.

Het is

de

laatste

punt,

opzettelijk

waarop onze aandaclit zich heeft saam

verzoekende

macht, die op onze

te trekken,

ziel inwerkt,

met het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 563

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's