E voto Dordraceno - pagina 159
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. VIII. HOOFDSTUK
soms
wijsgeeren
en
Zoo
het heerlijke zeggen
0.
a.
dichters
XVII 28.) En wat doet Paulus nu 3
zelfs
prachtige denlibeeklen hadden geuit.
„Wij
:
153
II.
!"
van Gods geslacht
zijn
(Hand.
:
zonder meer?
zeggen
nu
legt
uit,
Veroordeelt
hij
Neen, integendeel,
nu dat heidensch Pantheïstisch
maar
aan,
sluit er zich bij
hij
hoe wat de Heiden en de Pantheïst hierin schoon, maar toch
onzuiver uitsprak, eerst in der Christenen belijdenis verstaan en doorzien
En dan
wordt.
punt
u
diep
opvat.
Maar ook
en
schiep,"
van
Hij
dat
waren
bewegen en
leven, ons al
wat er
en
er
in
is,
zijn".
geschapen
het menschelijk geslacht uit éénen bloede
„heel
„voor
kinderen der menschen èn de tijden, èn
alle
Welke twee stukken der er
Hem
hun woningen tevoren verordineerd
de bepalingen van
Zie,
wij in
beide even krachtig en
hij
God de wereld en
„dat
God
deze
denkbeelden, die
„dat
Eenerzijds:
anderzijds:
dat
heeft",
geeft hij als inhoud van der Christenen belijdenis op dit
reeksen
twee
dan in?
belijdenis schuilen hier
hun dood
die tot
zijn lieden,
heeft."
toe, nooit
gevaar
zullen loopen, ooit één druppel uit den Pantheïstischen stroom in te drinken die
veeleer
die
toch
uit
hoogte
de
nimmer
in
neiging tot Algodisterij veroordeelen
alle
hun eigen
ziel
;
;
en
één enkele vonk van geestdrift voor
de Heilige Drievuldigheid voelden gloren. Dit komt daar vandaan, dat deze lieden wel geen Algodisten een tegenovergesteld uiterste
in
gelijk
vallen, en zich een
een pottenbakker los van zijn baksel
van doen zou hebben met
zijn
is,
God
zijn,
maar
voorstellen, die,
zoo voorts en verder niets
schepping.
Dit zijn lieden van een koude practijk of van een dorre verstandsrichting.
Menschen zonder gloed van harte
en zonder geestdrift in
En
voor
bij
manier
maakt, zet het inéén, en
en
zijn
warmte van gemoed. Zonder drijving de visschen, zoo koud van bloed.
sleutel in
van
als
het ineen
naar om, en eerst
God
zit,
windt
als het
weer
hij ;
en
in zijn schep-
Wie een uurwerk
uurwerkmaker.
een
plaats aan den wand, en zoo loopt het
ziet er niet eer
En
of als
deze koude, bevroren denkers stellen zich dan
pingswerk
het
Haast
zich.
het op, en nu krijgt hij
gaat wandelen,
dan neemt
hij
den
God de Heere gedaan.
Hij
afliep,
de hand en windt het afgeloopen uurwerk weer op.
zoo nu,
meenen deze
lieden, heeft ook
schiep deze wereld, zette ze ineen, stelde haar krachten in beweging, en liet
ze
nu wentelen.
En nu
loopt alles vanzelf en doet
een stoornis komt, en dan
schepping weer repareert.
is
de natuur alles goed gaan.
Tot er
het de oorspronkelijke Schepper die de gebroken
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's