Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 129

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 129

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND. VII. HOOFDSTUK zich

Men

war heeft laten brengen.

de

in

123

I.

namelijk op, dat dit

lette er

woordeke oudtijds en in de dagen toen Datheen den Catechismus Duitsch vertaalde,

bedoeld

plaats

is.

van

Haarlemmer

naam. En de

dien

en niet

Een „oprecht" geloof

meende wat

maar

ze zeide,

echte

alleen

niet allereerst, dat

Neen, maar

maar meenens was.

voorgewend

nu nog

zelfs

echte en oorspronkelijke was.

daarom ook oudtijds

geloof beduidde

niet

noemt men

olie

Oprechte

van „Oprechte Haarlemsche Courant"

titel

maar de

dat het niet de nagedrnkte,

mijn

is,

mij

Oprecht goud was echt goud.

nooit bedoeld, dat deze courant

heeft

bij

beduidt

daarentegen beteekende „oprecht" in de

Destgds

echt, waarachtig.

:

wijn echte wijn. Oprechte olie

dat het meenens

ik zeg,

uit het

Nu

woorden zoo gezegd wordt, maar ook waarlijk in mijn binnen-

alzoo

eerste

anders beteekende dan tegenwoordig.

meen wat

dat ik

„oprecht", slechts in ste

iets

dit heel

andere, dat mijn geloof van den echten goude, van onvervalschten oorsprong,

God gewrocht was

wezenlijk door

^).

Zoo komen de woorden dan ook

worden^"

lijfd

d.

als

ik

van „inge-

er sprake is

van een zaak waarbij de mensch

i.

kunnen afhangen van wat

het daar

Want

uit.

lijdelijk

is,

hoe zou

dan niet meen?" Besluit

al

men

daarentegen, dat „oprecht geloof" hier is: „geloof van echten oorsprong",

dan loopt en

gaat,

er bij

maar

hangt,

staat er bij

„en

:

niet als teeken,

geloof

is

aannemend van

gave Christi.

en

gelijk

geloof

blijkt

nu geen

en zeg: Dat

En doop

')

die in

zijne

wordt

weldaden aannemen"

;

maar

dit

nu toch weer wel aan den mensch

om

te

toetsen, of het geloof in ons

niet,

aard, wil de Catechismus zeggen, en

alles

wat

uit

Immanuel

dat er geen geloof zou

van

heiligheid,

gedoopt

in

maar

komt,

alleen dit:

i.

voor

moest reeds

of er

zijn,

d.

Als er geloof

de gave Christi, dan zuigt het die

is,

in,

een spons het water.

Verkoopt dat

dus

schittering zijn

dit

dat de mensch onder-

is.

alle

beduidt

al

hulpmiddel voor ons,

als

aannemend van aard voor

allerlei

lijdelijk iets,

hem, maar hangt aan de zaak

dat het

wel

Het

dan een

wordt.

wel van het echte goud

Echt

is

staat niet aan

keur

de

hem gewrocht Want wel staat

gezond. Het

alles

is

iemand

mij voor een spons een vezelig voorwerp,

water aan

te

nemen, dan breng

het gekochte terug,

geen echte spons, want die zuigt geen water

evenzoo nu, als iemand zegt: Daar ik in

ik

is geloof.

En wat

de gave Christi, en het neemt die niet op,

maar

hij

maar

In het oorspronkeiyke Duitsch staat dan ook „door een waar geloof!"

in.

geloof noemt

laat ze liggen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's