E voto Dordraceno - pagina 529
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. LI. HOOFDSTUK dat het zoo en niet anders
gulweg,
aanneemt,
hart
rijken
indruk
thans
maar staat
zonden
nog
dat
van
ge
veel
soms
;
weer
het
innerlijk in
verzoend
dit
te
al
gedurig
natuurlijk, het is
nog heel
ge dit met woorden toestemt, of dat ge het ook alzoo met
iets anders, of
uw
Maar
is.
531
I.
voor
zijn
zelfs bij
hun
uw
leeft.
binnenste onder den vollen
En
dit laatste
nu ontbreekt
de teederste kinderen Gods, en
besef,
alsof ze de vergeving
hunner
moesten en dus eigenlijk nog onder hun zonden
verwerven
gebogen gingen.
Want
wel vindt ge in zekere kringen ook een anderen geestelijken toe-
maar
stand, kleine
die even verkeerd
men
waarin
kringen,
is.
de
Er
het verzoend zijn in Christus sterk besluit,
dan
als
maken hebben
te
hebben
aan
meer
niet
namelijk ook in ons land zekere
drijft;
maar meer
een zalige, teedere zielservaring.
men
wendige wijze verklaart
meer
zijn
rechtvaardigmaking door het geloof en
en dat
niets
minst niet meer
in het
dat gedrukt zijn onder onze zonden
al
komt. Immers de Schrift leert dat Gods uitverkorenen
tepas
gerechtvaardigd
een logisch denk-
tamelijk ruwe, uit-
we immers met onze zonden
we onze zonden ons
dat
;
trekken;
te
dan, dat
als
Op
het geloof. Welnu, ik geloof; dus ben ik ook
door
zijn
gerechtvaardigd; en derhalve gaan mij mijn zonden noch in het verleden,
noch van het heden meer aan. Ook het werk van Christus
is
niet mijn
zonden in het heden. Immers
een volmaakt werk. Hij heeft de zonde van Gods
kinderen verzoend, niet enkel voorzoover ze achter ons liggen, maar even
goed
voorzoover
ze
hij
men
voet
zich
soms
men
met de zonde vrijelijk
ja zelfs, alle
dood toe begaan
het
komt
;
in zulke kringen
ziet in
Op grond nu van
zulke
in
redeneering misleid, zich niet ontziet,
zelfs
Nog
dan ook vaak op
ook niet?
voor,
dat
men
;
vrij
intie-
en geeft er
De zonde kan
eer ze volbracht wordt,
kringen
zonden
waren reeds eer
zal,
de zonde geen been meer
En waarom
aan over.
toch niets meer maken.
en
tot zijn
geboren werd, verzoend in het bloed van Christus.
deze redeneering leeft
Ja,
heden begaan worden;
het
in
mensch
die een uitverkoren
mij
nu
ze toch verzoend.
is
door deze uitwendige
antinomianisme van het ergste soort overslaat,
in
om met
Men maakt
de zonde te gaan spelen.
weg
zich
dan
diets,
dat men, door voor de zonde uit den
nog
strijd
tegen te voeren, eigenlijk toonen zou, nog niet aan het verzoend
zijn
van
al
zijn
zonden
te
te
gaan, of door er
gelooven. Zoo wordt dan het mijden van de
zonde een teeken van ongeloof, en ten slotte het zich
aan de zonde, een bewijs dat
men
waarlijk gelooft.
toestand, die dan alles op den oiiden
Adam
een soort vreemden gast die in onze
ziel
Een
vrijelijk
overgeven
schrikkelijke ziels-
en op het vleesch werpt,
als
huishoudt, en voor wiens doen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's