E voto Dordraceno - pagina 576
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. LIL HOOFDSTUK IV.
578
en dat daarom geen creatuur zich tegen
El Sjaddai, en daarin lag nog tegenstand
God de Almachtige,
als
alleen de betuiging, dat Hij, onze
Hem
die zich tegen
bewegen kan.
wil roeren of
zijn
Eens openbaarde de Heere zich aan Abraham,
overwinnen kan en
verheft,
God
allen
Maar
zal.
deze betuiging ligt meer, ligt de zalige erkentenis, dat geen schepsel
gendheid heeft of
God hem
bezit, tenzij
de kracht, geeft daarin tevens
is
zijn
in de betuiging:
Hem
van
de
schorten zou aan wijs-
zou aan kracht, want dat zijns alle kracht
God onmogelijk; aanwending
maar dat van
deze
Wantmo
verstaan, dat de niet-verhooring van
te
gebed nooit daaraan liggen kan, dat het
heid of fale bij
en te schande kan ma-
te niet
gebed laat uitvloeien
zijn
mo-
God de Heere
die verleene, en dat
voudig onttrekken van de verleende kracht
Meer nog, wie
in
kan ontmoeten, dan dien Hij door het een-
alzoo geen enkelen tegenstand
ken.
als
en geen ding
is
alleen hooger wijsheid en heiliger bestel
kracht ter verhooring van onze gebeden
afhoudt.
En
eindelijk
uitdrukking,
mis worde verstaan. Er
met
God, rechtvaardigen
leugen
zoo
is
is
maar
en
komt. Dit nu
maar
is
maar van de
zal.
te
veeleer jammerlijk
heerlijkheid in volstrek-
kennen, dat de einduitkomst
Thans
is,
ge ziet hoe vaak de zonde,
als
de laster triomfeert, terwijl de rechtvaardige is
tüet heerlijk.
Golgotha
?/'0)-ff<
keeren,
en om-
heerlijk door de Opstanding,
het nóg gedurig ook op ónzen levensweg.
Dan
roept,
niet het minst,
des
geloofs.
zinkt alles in.
maar de Gods
ziele
Het geloof kan
niet
fon-
van Gods
Maar nu opent
bestel door
zich het ver-
den jammer van het heden
maar het aanschouwt de einduitkomst, waarin
heerlijk en zijn raad volzalig zal blijken.
De
En
heiligen weenen,
omdat Gods raad bespot en over Gods
vijanden schijnbaar getriomfeerd wordt.
gezicht
lijdt
op zichzelf in duisternis gehuld en omfloerst met zwarten nacht.
tortelduive wordt aan den vijand overgegeven, en al
zijn
Hem,
Gods raad
schijnt het vaak, alsof
damenten der aarde worden geschud. Sion
weenen
de heerlijkheid,
hier toch geen sprake van de heerlijkheid,
Christus' wederkomst ingaat,
niet heerlijk,
de
in
Deze betuiging geeft alzoo
ten zin.
onzen
die
is
verband met het voorafgaande gebed, ook hier
een niet die
W ant mv
komt dan de derde betuiging:
Gods
alleen
En waar nu Gods
af-
bestel
kind zijn ge-
bed besluit met de erkentenis van Gods koninklijk regiment en met de betuiging, dat zijns de kracht
den
te
niet
doen,
is,
zoodat Hij moet overwinnen en
daar verheft de biddende
ziel
al zijn vijan-
zich tot die innerlijke
deugdelijkheid van Gods bestel en raad, die eens uitkomen en blinken en uitschitteren zal, en heid; d. w.
?.
zij
betuigt het in aanbidding
eens in de uitkomst zal alleen
:
Uw
Want uw
is
de heerlijk-
raad en bestel gerecht-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's