E voto Dordraceno - pagina 463
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XL VIII.
ZOND. kelijk
ze onder
terwijl
is,
aan het
menschen
Hem
hoogheid Gods ingaande,
de
465
I.
alleen gebezigd wordt, als ontleend
en de heerschappij van God. Alle rijk op aarde
rijk
Hem
wel aan
HOOFDSTUK
Hem
nabootsende en
óf tegen
is
verdrmgende, óf
ontleend, waar de koningen der aarde regeeren
de gratie
bij
des Heeren Hebren. In den eersten zin moeten die machtige wereldrijken
worden Staat
beschouwd, te
Tan Christus
Augustus
d.
den
in
Romes
standbeeld van
schier
die
vergoden
van
persoon
als
heerscher. Toen voor het
zijn
keizer de wierook ontstoken werd, en de discipelen
God vereerden
voor den als
En
voor den Divus
zij
keizer zich nederbogen,
deze eenvoudige martelaren voor het Koninkrijk van
nabootsing gestaan.
met den Staat
zijn,
den marteldood stierven, dan dat
liever i.
geëindigd
alle
God
hebben
tegen zijn valsche
waar, sedert het Evangelie de wereld inging, ook
de koningen en vorsten de knieën voor Jezus hebben gebogen, en voorts,
op grond van Gods Woord, hun kroon
aangenomen, afschaduwing
Koning
hun
is
van
eeuwig
dat
en dat eeuwig
is,
blijft
als alle koninkrijken der
zal,
de hand des Heeren hebben
als uit
onder menschen op aarde niets dan een zwakke
rijk
Rijk
der
God
waarin
heerlijkheid,
en dan eerst in
aarde zullen zijn ondergegaan.
Koning
In dit „Koninkrijk der hemelen" komt het dus allermeest op den
Koning
aan. Die
aarde
in dit rijk hoofdzaak.
is
zelf
zijn vollen luister schitteren
Al moet toch van
om den
beleden, dat niet het volk er
vorst
is,
op
alle rijken
maar de
om
vorst
het volk, hier gaat deze regel zoo weinig door, dat deze Koning heel zijn alleen
rijk
maar
om
zich zelven schiep en bezit. Niet Hij bestaat alleen
zijn rijk
Koning van
zijn
rijk
om Hem.
om
tevens de Schepper en Instandhouder van alle ding
Alle aardsche koning ontvangt zijn rijk van God. Zijn volk
is.
hem om
buiten
God
door
rijk
Maar
bij
geschapen. Hij zelf
en
ingezet,
is
als
is
worpen. alle
macht
heeft
dit alles heel anders.
hoofd kiest of door
Hem
in dit zijn Rijk
alle kracht.
zijn rijk,
Dit vorst
tot
dat Rijk
over
komt
uit
Hem
God
bekleed.
Hier toch ontvangt
Hem aan
Hem om,
er
zich wordt onder-
met macht
bekleed,
zelven. Hij en Hij alleen
maar is,
en
eeuwiglijk voor dit zijn Rijk de bron van alle leven, de springader
blijft
van
Niemand
nu
door
God met macht
de Koning niets van buiten. Hij vindt geen volk dat, buiten
Hem
is
een afhankelijk schepsel in dat
over dat volk door
het Koninkrijk Gods
kwam, en dat
zijn rijk,
Dit verschil spruit daaruit voort, dat deze
en in dat
rijk
op
Hij
is
aan niemand rekenschap schuldig, en doet met
rijk
met
alle schepselen,
van God omvat deswege aarde
heerschappij,
hij
E YOTO DORDR. IV.
regeert
over
alle ding,
naar
zijn
zienlijk
al
welbehagen.
en onzienlijk.
menschen, maar hoe machtig ook
Een
in zijn
heeft niets te zeggen over de natuur noch over het land
30
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's