E voto Dordraceno - pagina 438
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XL VII.
ZOND.
440
HOOFDSTUK
I.
en daarom, met opzet, de uitlegging der eerste en derde bede beide malen
met het woordeke
begonnen bede
verhoort, geeft iets.
Vader gebeden wordt, stoots
En
als
Immers,
wel.
dan ontvangen we
„Uw
lijden.
ons heen beter en reiner en heiliger.
zelf iets erlangen,
wil geschiede",
bidt
En vandaar komt
het, dat
in
uitgaat in den wensch, dat zijn
we,
al creaturen,
laatste uitlegging
bij
zóó groot, dat ook onze
geheiligd worde
zwichten voor zijn wil en hoog bevel.
van deze twee beden,
ons blijken
gelijk
;
En
zóó groot dat wijl
zal,
nu deze
metterdaad
spreekt onze Catechismus het juist
daarom
moet
treden,
twee
beden zoo met nadruk
God ons
naam
is
het denkbeeld van een bede ook hier op den voorgrond
en
is,
jnist
dat het beide malen er
uit,
om
te
deze
bij
doen
is,
iets zal geven.
hier de aandacht
Het tweede punt, waarop
worde geheiligd" de eerste bede
Vader
het Onze
in een niet te verhel-
het gevoel van het gebed
Onze God
ziet.
ziel
„Uw naam
men
en verstaan velen
en derde bede kwijt raakt, en er meer zekere uitdrukkingen
eerste
verkeerd
niets,
van een berusting
wil geschiede" veeleer
van eerbied en aanbidding
verbonden.
moet gevestigd,
is.
Van
bestaat, zijn de eerste drie en de
Duidelijk
beginnen met
alle
wezenlijke
Gods Koninkrijk meer komt,
als
„Uw
pen
wijze
en derde bede de steenen des aan-
een gehed. Maar als
:
dat
dat
wie een
En omdat men dat „Uw Koninkrijk kome" nog Gods naam geheiligd wordt, en als we uit-
we hierdoor
deze
iets,
Dat de tweede bede: „Uw Koninkrijk kome," een
zijn.
is, verstaat men nog worden de toestanden om
wel
om
vraagt
deze duidelijke verklaring was hier daarom
juist de eerste
hede
roepen
bidt,
op haar plaats, daar verreweg de meeste malen, dat het Onze
meer
te
Wie
y,Geef."
Uw
is
dat het
de zes beden, waaruit
tweede drie groepsge-
springt in het oog, dat de eerste drie beden
en dus op
God
doelen, terwijl in de laatste drie
het ons op den voorgrond staat. „Geef ons ons dagelijksch brood." „Vergeef ons onze schulden."
maal
En
„leid ons niet in verzoeking". Hier
ons, juist zooals het in de eerste drie
naam.
Uw
Uw
koninkrijk,
wil." Gelijk de
deelen bestaat, het ééne dat we
beden driemaal Ptt^heet:
hoofdsom van de Wet
en
de
naaste.
van tweede
„ ?7tf
uit
twee
uit
twee
beden, de eerste groep opspruitend uit de liefde voor God,
groep
door de liefde voor onszelven en onzen
ingegeven
Kennelijk slaat dit paar van drie beden dus op het schema van
het Gebod terug. Er
mers ook hier voorop.
drie-
God, en het tweede dat we onszelven en
onzen naasten zullen liefhebben, zoo ook bestaat het Onze Vader groepen
dus
Eerst
is
dezelfde indeeling, en ook dezelfde volgorde.
gaat, evenals in de
wordt er in het
hoofdsom der Wet,
Ome
die liefde voor
Vader voor God gebeden, en
Im-
God eerst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's