E voto Dordraceno - pagina 517
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND.
een
zulk
(lat
hebben,
Proseliet
geacht
zijn
familiebanden
voortvloeiden,
De
517
III.
wierd zijn vader en moeder verloren te
door zijn doopheer als door zijn nieuwen vader te zijn aan-
en
genomen. Ook
af.
XXVI. HOOFDSTUK
rechten op mogelijke erflatingen, die uit
zinbeeldige beduidenis van deze plechtigheid
vroegere
dus niet de minste
liet
De Heidenwereld en
onzekerheid aangaande haar bedoelen.
Heiden
zijn
sneed deze Proselietendoop, althans formeel
wat
al
den
uit
Waterbad
was, gold als Levietisch onrein, en het was door dit
dat de Proseliet van Levietisch onrein alsnu rein wierd, en uit het onreine-
Heidensche leven
het reine leven van Israël overging.
in
Eerst wie op deze Proselietendoop het oog gevestigd houdt, zal nu ook het
Wat
wonderspreukige van Johannes' optreden beseffen kunnen.
toch
deed Johannes? Terwijl de Proselietendoop uitging van de onderstelling: „Wij,
Joden,
God,
en
wie
Johannes zijt
zijn
den hemel wil ingaan, moet
in
Dooper
de
onrein,
kinderen Abrahams het reine en heilige volk van
als
ook
al
zijt
ge
Abrahams kinderen; en
om
Heiden, moet door het waterbad doorgaan
Koninkrijk der hemelen." Sterker kon de worden.
„Ook
gij,
toegang
trots der
hun hoovaardij
die zich zelven in
Zij,
ons overkomen!"
tot
het geheel andere standpunt in:
als
nu toeroepen, dat
zelven
zij
nam
Joden,
zoo goed als de
te
erlangen tot het
Joden wel niet getroifen de reinen beschouwden,
en tot wie een iegelijk komen moest, die zalig wilde worden, zich
gij.
zij
hoorden
nog het waterbad noodig hadden.
Dit
stond dus gelijk met een algeheele veroordeeling van der Joden standpunt.
Hun
wierd
den Doop van Johannes aangezegd, dat hun Levietiscke
in
reinheid nog slechts symbool was, en dat,
komen
hetwelk
nog
als voor
den Heiden eisch was.
eerst te
Gods
Koninkrijk
reeds
om
in het Koninkrijk der
stond, zedelijke reinigmaking zoo voor hen,
En
terwijl
en
bezaten
zij
zich inbeeldden, dat
het Koninkrijk der hemelen liggende, en roept
komen dat
er zal.
God
nog niet Eerst
„ook
zijn betuiging,
uit
dat
is,
zoo
maar vat
het
uit,
als
nog buiten
dat dit Koninkrijk der
er straks eerst, door Jezus' lijden en sterven,
men
deze steenen zij
zij
dat Israëls volksstaat dit koninkrijk
was, veroordeelt Johannes de Dooper dezen hun volksstaat
hemelen
hemelen,
al
het snijdende van Johannes' zeggen,
Abraham kinderen verwekken kan," en
zich ten onrechte inbeeldden,
omdat
ze
Joden waren,
het oordeel te zullen ontvlieden.
Zal
men nu daarom
zeggen, dat dus de
Doop van Johannes
eigenlijk
een nabootsing was van den Proselietendoop? Geenszins. Veeleer was het
denkbeeld van de reiniging, die zinbeeldig door water wierd afgeschaduwd, en in de natuur en in de
Wet
door
Vooreerst in de natuur. Het stof
God is
der
zelven aangewezen.
menschen
vijand. Hij is wii stof,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's