E voto Dordraceno - pagina 321
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
XXni. HOOFDSTUK
ZOND.
ook
rechtvaardigtnaking
den
zondaar
werkzaam op
op
eerst
kom
breekt, dan
om Val
te treden.
vaardigmaking
kondt
niets
afgesneden
om
leer,
vast,
nog
zelfs
niet
het
om
min
in dit geloof
boren
dat mijn rechtvaardigmaking reeds
geboren was, dan
is
of
meer de bewer-
te zoeken.
God gereed
bij
Maar lag,
staat
eer ik
het hiermee ook uitgemaakt, dat ik er zelf
allergeringste aan toebracht;
want
werken eer men ge-
iets te
ongerijmd.
is
is,
de daad der recht-
oogenblik te stellen dat mijn geloof door-
het
kende oorzaak van mijn rechtvaardigheid voor God het
van
elke poging
is
werk der rechtvaardigmaking
het
de valsche
ik in
er licht toe,
ik
toebrengen, en
in
zelf
321
V.
Deze wondere zaak, dat een overtreder van Gods wet eu een schender van
die
Gods toch een rechtvaardige wordt be-
recht, in de vierschaar
zijn
moet dus buiten mij om
vonden,
met
Christus de wereld
in
tot stand zijn
gekomen. „God was het
zich zelven verzoende, haar zonden haar
niet toerekenende."
Waarin
man
rechtig Is er
nu voor deze wondere rechtvaardigverklaring van een onge-
ligt
de grond?
mee
bedoeld, dat
God u wel
als
Rechter veroordeelt, maar nu
als
Souverein Koning gratie verleent van de straf die over u was uitgespro-
men
ken? Zoo
heeft
aardsche
vorsten toe.
en spreekt
het wel voorgesteld, en metterdaad gaat het zoo
Er
ter,
men
De Rechter
Maar de macht van den
zijn straf uit.
deze rechterlijke uitspraak toepassende, heeft
een schuldige.
is
uit,
ook in
en nu ontvangt
God
hij
leent,
scheiding gemaakt tusschen den rech-
Dat een
voorstelling
met
tak en wortel uitgeroeid. Zie-
vorst op aarde gratie van een
gewezen vonnis ver-
is,
om
wezenlijk recht te doen; dat het hier-
door gebeuren kan, dat een aardsche rechter verplicht oordeelen die
dat
herstelt.
de
te
Dit
hulpe
En II.
al
verzijn
;
komende, door het verleenen van gratie het recht
maar is
één.
Een
komt
zijn
rechter spreekt op aarde recht iw?!aam
dus zoogoed alsof de koning zelf in eigen persoon
elke rechtbank vonnis sloeg. rechter.
te
kan ook niet anders, want de rechter en de souverein
des konhigs, en het
E VOTO DORDE.
iemand
souvereine vorst, deze gebrekkigheid van de aardsche
niet twee personen,
als
is
hooger rechtspraak niet op die wijs zou veroordeeld
bij
alsnu
rechtspraak
in
den meêlijdenden
gaat uit van de onderstelling, dat de aardsche rechtspraak tot op
zekere hoogte buiten staat
en
nu op God
goede gunste gratie schonk.
uit
Toch moet deze gansche hier waarom.
bij
hem
souverein gaat boven gratie. Dit
die naar stipt en strikt recht vonnissen moest, en
Koning, die
veroordeelt
dit
David en Salomo zaten daarom ook
thans niet meer voor, toch
blijft
zelf
het beginsel
21
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's