Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 450

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 450

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XVI. HOOFDSTUK IV.

444

Hoe

een lijden dat op het sterven volgt.

dan

opgelegd

is

dit

nu ? Heeft God de Heere,

den dood gedreigd had, na den val een zioaarder straf

met

alleen

die

had? Onmogelijk immers! Dan

oorspronkelijk gezegd

Hij

toch zou én de waarheid én de gerechtigheid Godes te niet gaan. Neen,

God gezegd had: Gij

als

den dood sterven, en er komt nu eerst

zult

een lijden dat aan den dood voorafgaat, dan de dood zelf en daarna nog een niet

anders,

dood

zelf

den dood volgt, dan spreekt het vanzelf en kan het

op

dat

lijden

én

of

vooraf én

dit lijden

begrepen

dojd niet meer dan een stukske

vollen

dit lijden

daarna moet

den

in

en kan derhalve ons tijdelijk sterven van dezen

zijn,

zijn.

Op grond hiervan hebben onze vaderen dan ook zeer terecht beleden, dat de Dood de naam is voor die vreeselijke macht van vernieling en verwoesting,

om

elk terrein des levens doordringt tot iu

op

die

en

tot in de diepste

kiem

De

smoren.

te

bestaat

er

vernielt, verwoest,

aan de plage zijner verwoesting geen einde komen. Hij

band

den

door

los

maken

te

goeden.

aller

maken

te

stroom

u

over

deze

grijpt

ziel

u

uit,

dood,

geestelijk

uit

Hij

die

uw

maken

die

het

graf

Let zonde

En

uu wil

dat

wel

op,

doodt

in

uw

levensgeluk,

hij

doet u eens wegsterven

het nog niet op.

Neen, dan gaat de

o,

graf,

en dan in wat

den eeuwigen dood, of in het lijden der helle na

dat

komt over een

dus

een

als

en doet u „midden in den dood liggen." Hij maakt hij

is,

uw

aardsche existentie aan, door den band los

De dood vrucht dragende

het oordeel.

ziel aan,

u verbond met de Fontein

werking van den dood nog altoos door. Eerst in het onder

uw

en lichaam in u saambond. Hij breidt zich

En dan houdt

wereld.

verderft en laat grijpt

haar aan God bond. Hij grijpt

die

persoon aan, door den band los te

levens-

Vernietiging in eigenlijken zin

niet.

Neen, maar de dood

niet.

God gelegde

levensvezelen de door

fijnste

dood vernietigt

den wortel,

dit

in eeuwige rampzaligheid.

besloten lag in de straf, die

alles

de Heere Christus, indien

maar een volkomen Verlosser

zal zijn,

om

der

zonde ontvangen en geboren

iegelijk die in

hij

is.

niet slechts een gedeeltelijk,

ons van al deze deelen der ééne

ontzettende doodstraffe verlossen moet.

Nu

heeft hij onze straf gedragen.

„De

straf die ons

den vrede aanbrengt

was op hem;" en de Heere heeft „onzer aller ongerechtigheden op

hem

doen aanlcopen." Is ons sluit: graf,

dat

nu

straf opgelegd de

nu reeds op aarde een

1.

en

als

4.

Jezus

het nederdalen in

ook

van de door ons

al te

Dood, maar zoo dat

staat des lijdens

;

2.

die dood in zich

het sterven

de hel; dan moet van tweeën één

;

3".

het

zijn, óf

deze vier voor ons onderging, óf wel dat er een deel

dragen straf nog onbetaald

ligt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 450

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's