Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 581

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 581

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. Lil. HOOFDSTUK V.

Amen

aan het

583

van het Evangelie van Mattheus, Lukas en Johannes.

slot

en der meeste brieven van Paulus. Ook de eerste brief van Johannes loopt

Anten

in dit

Dit nu heeft aanleiding gegeven, dat

uit.

aan

onzent

volstrekt

bruikt,

maar evenzoo aan het

alleen

niet

slot

Doop en van het

woorden

een

niet

van een

Amen

heeft de Gereformeerde kerk dit

om

woorden toegevoegd,

teele

noch een bede

verklaring

niet aan de sacramen-

maar de verkondiging

ligt,

Amen

geen plaats

Doet men nu onderzoek naar de bijzondere beteekenis van

Amen

Vader zoo

het Onze

bij

Mis gebeden wordt, ware het

behoort dan het woordeke

maar dat

Amen

Wij zouden het dan

zijn,

van de

dat wij de verhooring

Amen

dit

niet

meer zijn

Ome

die het

in het

Amen, om

alsdan door den

tot het

naam

Vader

Zoo

gebed maar

op onze gebeden in zijn zes

beden

ons daarmee te betuigen, dat onze gebeden ter ge-

dachtenisse zijn opgeklommen, en van

beden

stelt

wordt

bij

Rome

dit niet,

maar wel

Bom.

de Mis {Cat.

uitspraak,

God bij

P. IV.

c.

verhoord

Ome

het 17.

9.

3.)

Het

verstaat.

Bij

zijn.

Vader, Al

is

andere ge-

als het

gebeden

het nu, dat deze

dien vorm gegoten, allen Schriftuurlijken grond mist, toch

in

van het gebedsleven

schuilt er een diepe gedachte in, die de kenner

zou

licht

namelijk in strijd met den aard van het gebedsleven

indien wij zelven, na gebeden te hebben,

zijn,

is,

als

op,

en na deze zes beden zou dan het antwoord van Gods zijde ko-

baden,

men

Amen,

den naam des Heeren, wordt uitgesproken.

in

zou het een antwoord zijn van Godswege en in gegeven.

dit

dikwijls het in de offerande

niet een betuiging onzerzijds

onzer gebeden zekerlijk verwachten, priester, als

opgevat

is.

van onze gebeden, dan legt de Roomsche kerk er nadruk

sluitwoord

dat dit

slot

heilig

de juiste reden, dat in deze sacramenteele

waarbij als zoodanig voor het

feit,

ook ten

van de zegenspreuk, en aan het

der predikatie. Bij het bedienen van den heiligen

Avondmaal

Amen

dit

het slot van onze gebeden wordt ge-

nu

uit eigen

hoofde verklaar-

den, dat onze gebeden vast in Gods belofte lagen. Tot wie zouden we dat

zeggen? Toch niet

min bij

tot zijn.

tot

anderen, die Ziet

we zelven

men

God den Heere; ook bij

in dit

Amen dan

Zijn

ken, gelijk

komt

:

gewoon tot

Amen bij

strekt

;

en even-

ook niet meer dan een Voorwaar dat

uitspreken, dan verliest dit

kenis, en ontaardt het in een

denkt.

niet tot ons zelven

onze beste en meest intieme gebeden meestal niet

Amen

al

spoedig zijn zin en betee-

dooden klank, waarbij de bidder niet meer

dan alleen

om

een eind aan

zijn

gebed

te

ma-

een te lang gebed van wie voorbidt, soms de verzuchting op-

„Ik wenschte, dat zeggen,

hij

nu maar Amen

zei."

Een lang

niet zoo on-

maar waaruit op bedroevende en beschamende wijze

wat dooden term

dit rijke

en bezielde woord

is

blijkt,

afgestompt. Heel an-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 581

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's