E voto Dordraceno - pagina 384
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
is
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
386
Gebed
er niets tegen, dat Jezus het volmaakte
begrepen
stonds
wat
;
aan hun geestelijk leven geboden
hiermee
schat
om
was; zoo dat ze later nog vraagden
wat ze reeds hadden, en dat Jezus
antwoord op hun vraag, hen aan het gebed uit de Bergrede her-
toen, in
innerd
Bergreden
eerst in zijn
dat wel zonder dat de nog weinig geoefende discipelen aan-
en
inboelit,
IX.
Doch hoe
heeft.
ook
dit
zij,
vast staat het zeer belangrijke
feit,
dat Jezus volstrekt niet te geestelijk was, noch ook zijn discipelen als te
om
beschouwde,
geestelijk
hen en aan
leggen, en als zoodanig aan
In
dit
Ome
Vader
te geven.
hebben af
te
de geestelijke en lichamelijke nooddruft^ die
al
hij wil
God
zullen vragen, en waarvoor we de vervulling van
we van God
smeeken. Dit nooddruft eischt hier nadere toelichting. Immers
nemen we het woord nooddruft van
kerk het
zijn
formuliergebed nu zegt de Catechismus, dat de Christus ons een
opsomming gaf van dat
centraal gebed in een formulier vast te
een
hetgeen
ons
ontbreekt,
hier in den
of
als
gewonen
zin, als
uitdrukking
datgene waaraan we voor onszelven
behoefte gevoelen, dan klopt het niet te zeggen, dat Jezus ons in het Onze
Vader voornamelijk en bidden.
leert
zelfs alleen
Vormde toch
om
die vervulling
van die nooddruft
nooddruft in hoofdzaak,
die
schier alleen,
ja,
den inhoud van het Onze Vader, dan zou het anders moeten geformuleerd zijn
dan nu, en zou het de aan het
tens
bevatten.
om
drie eerste
eerste bede
:
„Uw naam
vervulling van eigen nooddruft.
heiliging
God
van
in
Gods
Want
uitdrukking
eerste
niet
worde geheiligd",
het
Naam; maar en
voor,
beden metterdaad
is
Naam
is
geen bede
is
wel zoo, dat de
ziel
uw
dit te
Het woord „nooddruft"
is
De
drie eerste
beden toch hebben
maar
Koninkrijk kome,
iets
uw
voor
God
wil,
eigen nood eerst straks en later
wat
noodig
is,
opdat
zijn
komt aandragen, maar
God hebbe wat
verklaring baat hier dan ook niet, en er
resumtie van het
Ome
gelukkig
en meer
uitviel,
Hem
te
Het
met
Kunstige
moet eenvoudig beleden, dat deze
Vader., gelijk de Catechismus die bedoelt,
dienst doet
dit
eerst vragen
toekomt.
om
den overgang
te
minder
vormen van
Vraag 117 op het Onze Vader. In vraag 117 was gesproken van
waarom God ons
er
afbidden.
wil geschiede.
hier de liefde van het kind voor zijn God, die zich zelven vergeet,
zijn
van
doet aan het hooge karakter van de drie
te kort.
worde geheiligd,
om
toch klinkt het gewrongen
eigenaardige, dat ze niet iets voor ons zelven, TJiv
hoogs-
haar hoogste levensuiting ook dorsten kan naar de
begrijpen onder onze geestelijke nooddruft.
de
niet, óf
en als een toevoegsel, kunnen
als in het voorbijgaan,
slot,
Reeds de
het kind van
beden óf ganschelijk
al
datgene
bidden bevolen heeft, in verband met onzen nood en
onze ellendigheid, en nu
is
het
met terugslag
hierop, dat in
Vraag 118
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's