E voto Dordraceno - pagina 333
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXIII. HOOFDSTUK VII.
volmaakt rechtvaardigen in
zijn
333
vierschaar zullen staan. Hij kent ze dus
doemscbuldige zondaren, maar die Hij zelf recht zal buigen, en
als
hoewel
en
feitelijk
rechtvaardigen
Hield
nog met ongerechtigheid bekleed,
tijdelijk
in
die,
Christus
zijn.
God nu
kennis
deze
voor zich
dan zouden
zelf,
voor ons
wij
besef ongerechtig blijven, tot op het oogenblik dat in Gods vierschaar de vrijspraak weerklonk.
Maar
dit
God
doet
de uitspraak van
En waar nemen, het
Hij
Hij
niet.
deelt deze zijn
goddelijke wetenschap en
En
goddelijk bewustzijn mede.
ook
wij,
schept
nog buiten staat zouden
zóó,
en het
in ons het geloof,
dat
is zijn
zijn,
om
Evangelie. dit
aan
te
door dat geloof dat wij
is
de wetenschap ontvangen, dat we, niettegenstaande dezen
en
besef
zijn
ongerechtigen toestand, toch rechtvaardig voor
God
zijn.
ZEVENDE HOOFDSTUK. Wij dan, gerechtvaardigd z^nde uit het geloof, hebben vrede bij God, door onzen Heere Jezus Christus.
Rom.
Van oudsher bestond
er
5
:
1.
onder de belijders des Heeren verschil over
de vraag, of de rechtvaardigmaking aan het geloof, of het geloof aan de
rechtvaardigmaking staande
broederen
de
voorafgaat.
In de dagen van Comrie, die het eerste
dreigde dit verschil van inzicht zelfs tot scheuring onder
hield,
aanleiding
minder woorden
vallen,
te
geven, en hoewel hedendaags over dit punt
de gedeeldheid van inzicht
Toch behoeft althans deze vraag en
men
mits
buiten
het
het
ons
onderscheidt
Gods
niet
in
daarom nog
duurzaam de geesten
niet weg.
te verdeelen,
de rechtvaardigmaking voor zooverre
en voor zooverre het in ons gewrocht wordt, maar juist
na het onderscheiden
en
Gereformeerde
de
werk
is
belijders,
althans
te
wat
hebben, dit
in
verband
zet,
zullen
punt aangaat, niet langer
met twee monden spreken.
De aan te
moeilijkheid, die een tijdlang rees, ontstond alleen hieruit, dat het
menschen
denken.
En
nu
eenmaal
daar nu
raakt
men
is,
om
toch het werk Gods, voor wat
zelven aanbelangt, in geen gevat,
volstrekt onmogelijk
tijd
gedeeld
zoo licht in de war,
is,
bij
maar
in het
buiten den
tijd
Hem, den eeuwige eeuwige
ligt
saam-
het overbrengen van dit werk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's