Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 325

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 325

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

319

ZOND. XII. HOOFDSTUK VII.

op aarde geweest. Immers niet alleen de oflferande die op het altaar komt,

maar ook de de

of

zijn,

moet smetteloos

priester die het offer toewijdt,

offeranden

God

die

eeren

rein en heilig

krenkt en heleedigt den Al-

wil,

machtige.

Adam

Zoo nu stond

had

nog onzondige offerande

een Hij

uit.

en

worden,

offerande

de

hem

die

te

om

poging daarna aangewend,

Alle

Maar

offeren.

te

was onrein van

priester

als

was een onzondig

ia het paradijs. Hij

toen

hij

priester en

was

viel,

dit

van lippen en van hand ge-

hart,

brengen overbleef, was bezoedeld.

toch te offeren, liep dan ook teniet.

In Melchizedek was dit verdorrend priesterschap het laatst gezien, en, eerst

God Aaron

toen

Edoch

gestalte.

de

schaduw

priester

slechts

en

zondaar

die

zaak

de

niet

zelve.

wel

den

Een

dier,

mensch

zondigen

den

voor

wezenlijk;

niet

beeld,

in

kwam

ligt,

weer een priesterschap van aannemelijke

er

maar

dragende,

zonde

buiten

kwam

riep,

in

en

schijn

omdat het stee,

en de

owheiUg was, wierd ceremonieel Levietisch

die

geheiligd.

Van kigen,

het paradijs tot Golgotha

vorm

schaduwachtigen

uitgekomen.

is

het priesterschap dus slechts in gebrek-

gezien, en eerst op

Golgotha

worde echter niet zóó verstaan, alsof

Dit

het weer

is

eeuwen

in de

die

daartusschen liggen het priesterschap braak had gelegen, en alsof Christus het pas in de volheid des reeds van eeuwigheid van

tijds

ontvangen had. Dit

God verordlneerd

zalfd, niet enkel tot onzen hoogsten Profeet,

en

Hoogepriester,

al

van

trad

wierd,

in

dit

is

maar ook

tot

hing van den aanvang af aan

Adam

viel

onzen eenigen

noch

Adam

dit

ééne pries-

en dus als priester ontpriesterd

de Middelaar als priester voor

in het paradijs

geloof

is,

Zoodra

Jezus.

zoo niet. Hij was

wat door de patriarchen of Aaron en de zijnen in

het priesterschap verricht terschap

is

en met den Heiligen Geest ge-

hem

in de plaats.

noch Eva behouden, dan

Ook reeds

eeniglijk door het

van hén a/geschovene en op den Middelaar overgebrachte

priesterschap.

Is dit helder ingezien,

maar Melchizedeks anders

vat

dan verstaat

priesterschap

men

bezat.

tevens dat Christus niet Aarons,

Bedenkt toch wel,

dat,

wie het

en Christus in het pas later ingestelde Aaronietisch priester-

schap laat intreden, voor de geloovigen die van het paradijs geleefd hebben, een anderen

weg

ter

tot

op Aaron

zaligheid ontsluit die buiten Christus

omgaat. Is

daarentegen

Heiligen vanzelf

de

Middelaar

de van

God

verordineerde en

met den

Geest gezalfde priester reeds in het paradijs, dan spreekt het dat

hij

niet

anders

dan dat priesterschap kon bezitten dat

in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 325

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's