E voto Dordraceno - pagina 73
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
XX. HOOFDSTUK
ZOND.
Het
eenmaal niet anders. De werkingen des Heiligen Geestes liggen
is
inwendig.
zijn
Het bloot
oog kan ze niet waarnemen. Ze hebben gestalte noch vorm, waar-
zinlijk
door
Ze
verborgen terrein des harten.
het
op
alle
I.
ze
En
verbeelding kannen inleven.
de
in
dies
wie zelf de be-
is,
van den Heiligen Geest niet persoonlijk onderging, bijna geheel
werking
onbekwaam om met
Hoever dan ook de ont-
Zijn werkingen te rekenen.
van het dogma van den Heiligen Geest
wikkeling
toekomst moge
in de
voortschrijden, toch zal deze ontwikkeling nooit de klaarheid en breedheid
van het Christologisch dogma kunnen erlangen. De onzienlijke werkingen ons slechts
zijn
benadering en in overdrachtelijke sprake bekend.
bij
Een ander punt waarop
hier dient gewezen,
is,
dat deze Catechismus-
vraag geen dubbel wil geven van wat reeds in de achtste Zondagsafdeeling afgehandeld.
is
maar
dogma van de
Het
Vraag 25 thuis
in
den Catechismus hier wierd
In
gebracht.
;
heilige Drieëenheid hoort niet hier,
en het zou een fout
zijn,
ter plaatse herhalen ging,
de
Apostolische
zoo de uitlegging van
wat dadr reeds ten einde waaruit
geloofsbelijdenis,
hier
de
woorden: „Ik geloof in den Heiligen Geest'' worden opgenomen, komt de belijdenis
van den Heiligen Geest uitsluitend
Daarom
voor.
Het
Zoon. gelegd,
den Zoon
door
ingewerkt
innerlijke
in
verband
ome
tot
zaligheid
volgen ze op de belijdenis van de Verlossingsdaden van den
en
tot stand
verwerkelijking
van
gebrachte heil moet inwendig aan-
worden,
toegepast
het
en het
is
met het oog op
die
dat hier de belijdenis van den
heil,
Heiligen Geest wordt ingevoegd.
Dat
desniettemin
de
Catechismus
omtrent het
Wezen van den Heiligen
gevaar
ligt
toch
daarbij
begint
met een uitspraak
Geest, heeft zijn goede oorzaak.
Geen
meer voor de hand, dan dat men de werking van den
Heiligen Geest als de werking van een instrument opvatte. Die ons redt is
de Vader, die ons uitredt
zoo
stelt
men
zich het
de Zoon, en deze beiden gebruiken daarbij,
is
dan
den Heiligen Geest.
voor,
Vandaar dat de
ongelukkige voorstelling, als ware de Heilige Geest slechts een kracht of
een gave Gods, zoo diep in veler bewustzijn
den
meesten zulk een inspanning
Geest
te
Vader
persoonlijk
is,
hebben
God
bidden
is,
spreekt
ze nooit betwijfeld.
hun
Het
om
vanzelf.
doorgedrongen, en dat het
metterdaad
tot
den Heiligen
Vader en den Zoon.
Dat de
Ook dat de Zoon een persoon
Maar om den Heiligen Geest
zijnde aan te bidden, valt
Men
kost,
zooals ze bidden tot den
is
als persoonlijk
hun zwaar.
versta dit niet verkeerd.
kost toch metterdaad weinig moeite,
duidelijk uit de Heilige Schrift
aan
te
om
op de catechisatie of kansel
toonen, dat de Heilige Geest in de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's