E voto Dordraceno - pagina 158
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. VIII. HOOFDSTUK
152 formule van
leidelijke
Algodendom
dit
uit
II.
gaan venten,
de volzalige belijdenis der Drieëenheid, dan komt
verwarring;
lijke
spreken
men weer waarheid met
dat
eischt
en wordt ontstoken in heiligen
;
Sabellius
is
maar
gestorven,
den
ijver voor
Sabellius
is
ware
als
nu
dit
op tegen zoo schrome-
hij
naaste zal
zijn
Naam
Gods.
zijns
de bekoorlijke verleider, die
voorgoed van het kerkelijk tooneel verdwijnt, eer de Christus op de
niet
En daarom
wolkeu wederkomt.
negende
waarschuwden, den
van
lang
bedoelden ze nog
nog iets
name
eens met
tegen Sabellius
anders dan een distel op het graf
Hereriarch te plaatsen
verstorven
hun
toen onze vaderen aan het slot van
kerken
de
Geloofsartikel
een toeken aan den nog altoos levenden Sabellius
hun
toen was
;
te zetten
toeleg
en meer dan
;
ook in onze dagen de kerk des Heeren dien nog altoos leven-
ooit heeft
den Sabellius weer in het oog te vatten.
den 's
De Vader
Sabellius vloeit alles ineen.
Bij
Heiligen
menschen
Alle
lijnen
zaak
niet.
geest
in 's
uitgewischt.
En
Heilige
de
en
Geest,
Geest
menschen zichtbare Onderscheid
in
in den in
's
Zoon en de Zoon
in
menschen
en
gestalte.
geest,
Alle grenzen weg.
naam, maar onderscheid
in de
ten slotte ook de Schepper en het schepsel tot één
zoo
gemaakt.
En
nu
dat in
Drijft
is
juist het onheilig spel,
drijft.
de be-
de belijdenis van de zonde
;
in
de be-
en lichaam
van
ziel
der
wedergeboorte;
met de wereld één
;
in
in
de belijdenis van een kerk, die eigenlijk
Weeropleving van de oude Monopbysieten en
is.
in
Middelaar één Godmenschelijke wil en één Godmenschelijke natuur.
den
God en mensch
ineengevloeid,
En
naar oud-Luthersche doling.
voorts,
het met den Christus gaat, zoo ook zijn kerk van haar grenzen be-
gelijk
dan haar sfeer met de sfeer der wereld vereenzelvigd.
roofd, en
Alles
Pantheïstische
uitdenkselen,
die
de
gevoelens,
En
heidensche voorstellingen, wijsgeerige
arme gemeente afvoeren van haar
eeuwenoud en onveranderlijk
allerheiligst en
geloof.
vraagt ge nu, hoe het komt, dat wijze, brave, nnbele
aan
trekken,
Athene
mannen dan
de voortplanting van zulke dwalingen hun krachten besteden,
met open
mee
ook thans weer in
lijdenis
en
men
;
lijdenis
toch
dat
de vervalsching van de belijdenis van den Christus
oogen lees
zelf
dan
in
dit verderf loopen,
en er de gemeente in
het antwoord hierop in Paulus' rede, die
hij
te
hield.
Daar spreekt Paulus ook over het heidensche Pantheïsme, en zegt aan de
tempelbezoekers
en
beeldendienaars,
dat ze poëten onder
hun
stad-
genooten hebben gehad, die veel uitstekender dingen hebben beleden dan zij
in
hun tempelwierook en beoldendienst merkeu
lieten,
want dat hun
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's