E voto Dordraceno - pagina 311
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLIVb. HOOFDSTUK V.
313
achter te laten. Niet ongelijk aan het opeens uitdraaien van het licht
bij
volksverzameling, als plotseling de schrik van donkerheid
machtige
een
en duisternis allen
om het hart slaat. Wet is dan ook niet weer te
Die vrees voor de
Van onzen kant kan
liefde terugkeere.
boven
te
komen,
Een zondaar
dit niet.
tenzij
de
in zijn angst
loopt in zijn verderf, evenals een losgebroken paard in het vuur van den
Maar wel kan de
brand.
kwam
in Christus.
van Gods
liefde
making. Opeens was de schrik voor de
Adam
in het hart geslagen,
making
die schrik er
gevonden,"
en
Abba,
Vader
lieve
Dat
om
gedreven.
En
als
nu
en veroordeelde,
kameren en zalen
om
kan
zelfs
zijner ziel.
men
zijde
komt, met
al
dank
voor als
ten.
en
zijn
aanhankelijkheid
God
in
zich zelf overtreft.
liefde, als
ons,
Aan
dat
dit
warme
liefde
ook de liefde des menschen
die liefde
kan dan ook een
ieder,
zijn eigen geestelijken toestand
warmte
ze goed v<mkt en brandt, geeft
heiligen gloed uit, en die gloed openbaart wat in
Na
de vinding-
op eens de consciëntie die kwaad sprak
aan een geestelijken thermometer, Die
iemand
een consciëntie die goed spreekt en van
te zetten in
oordeel ontslaat, dan ontvonkt die diepe Goddelijke liefde zoo
en
in
het eerste beginsel van
waar de vrees kan worden buiten
eerst,
om
hem
die vrees niet wijken,
Zoolang
in te laten.
ziet,
van Gods
die liefde
rijkheid der goddelijke liefde,
heb vergeving voor
ik
en jubelt: „Ik ben verlost;" en het
weer
van een beul
iets
opwaken. Liefde komt
liefde niet
dat deed ze. Ze
en voor den eeuwigen dood
Langzamerhand kon
plotseling.
lieverlee de liefde
nog maar
Wet
weer uitgenomen. »Vader,
ruischt door al de
zoo
van
eerst
ook
En
komen.
en even plotseling wordt door de rechtvaardig-
geredde juicht
de
moest
zijde
Enkel door dat ondoorgrondelijk mysterie van rechtvaardig-
hem
af,
me-
straalt een
is.
op den voorgrond gesteld te hebben, kunnen we thans de vraag
beantwoorden, die de Catechismus ons hier voorlegt, of namelijk, na het wegvallen van dien schrik der
komen van
dien liefdegloed, de
Wet in onze bekeering, en het Wet nog een vormende kracht
uitoefenen, of wel dat ge dan zeggen
Wet
ben, helpt de
niet meer.
moet
Van den
:
»Mij,
nu
schrik ben ik
ik af,
in ons op-
op ons kan
eenmaal bekeerd en de liefde
is
de
prikkel die mij vanzelf ten goede aandrijft. Ik adem, ik leef, ik werk, ik spreek, in
omdat
die nooit vrij
ik geloof
en dus
uit
dankbaarheid".
Nu
toch springt het
het oog, dat zeer zeker de rechtvaardigmaking een afgedane zaak
kan herhaald worden
uitgaat
;
en dat
al
inbrengen.
dat de gerechtvaardigde in leven en sterven
wat daarna komt,
kan doen derven, eenvoudig
hem kan
;
Maar
wijl
is,
niemand
hieruit volgt
hem nimmer zelfs
het eeuwige leven
meer beschuldiging tegen
nog volstrekt
niet,
dat
bekeering kwam, dat werk der rechtvaardigmaking reeds ten
hij,
die tot
volle, tot
op
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's