Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 15

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 15

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XVIII. HOOFDSTUK

Dat nu

Zoon

den

met

en

geschil

niet.

God

dus,

den

wordt

vanzelf,

eigenschap van alomtegenwoordigheid ook aan

goddelijke

deze

Vader

door

den Heiligen Geest gemeen

en

kerken

alle

en

God

spreekt

is,

dus het

loopt

vleesch heeft aangenomen, en

natuur

blijvende, thans in onze menschelijke

rees de vraag, of deze alomtegenwoordigheid, die aan zijn god-

verkeert,

natuur ongetwijfeld eigen

delijke

Daarover

beleden.

Maar overmits de Zoon het

zijnde

15

II.

natuur;

menschelijke

nu ook wierd medegedeeld aan

is,

wel in zulk een

en

zijn

dat ook aan het lichaam

zin,

van Christus alomtegenwoordigheid moet worden toegekend.

En

op die vraag nu antwoordt de Luthersche kerk even beslist /a, als

onze Gereformeerde kerken daarop neen zeggen.

vaak beweert, alsof de Lutherschen

gelijk oppervlakkige taal

Niet,

leeraarden

enkel

zoo

geen

kerk

van

om hun

Avondmaalstheorie

het

Christus

leven

te redden.

dit

Zoo gaat

in

het denken toe. Neen, èn deze

en

Avondmaalstheorie èn deze leer van de alomtegenwoordige eigenschap van Jezus' verheerlijkt lichaam, waren beide gelijkelijk uitvloeisel van éénzelfde

gronddwahng,

zijn twee.

De Schepper en

en

bestaan

die

niemand

schepsel

grens

mensch

God

als

verhoogd

en

wil

of

God

is

schepsel

te

en

zijn,

verheerlijkt

hun wezen

schepsel zijn in den grond van

kan.

moet eeuwig wisschen

te

worden gehouden. God en mensch

Er hgt tusschen God en mensch een grens

overschrijden

en

uit

uit elkander

zijn

onderscheiden.

is

dan de meeste wanen.

die veel dieper ligt,

God en menschen moeten

en

blijft

blijven.

En

eeuwig God, en het elke poging

verflauwen, loopt er altoos op in

God en

menschelijk

om

uit,

deze

dat de

het goddelijke niets dan een

erkennen

aanzijn

Het

wil.

is

de

diepe zonde van het Pantheïsme.

En nu komt de

uit

het natuurlijk niet in ons op,

dagen der Hervorming

om

geweest,

daartegen

te beschuldigen,

aan het Pantheïsme

met

al

om

onze Luthersche broederen als

ware het hun toeleg

ingang te verschaffen. Eer streden ze

hun macht. Maar desniettemin moet volgehouden, dat

ze ongemerkt, onbewust en zonder het te bedoelen, metterdaad dit kwaad in

de hand hebben gewerkt.

Hoe

dit bij

de erkende vroomheid des gemoeds, die hen ijveren deed,

toeging, valt niet moeilijk in te zien.

Als ge u toch goed indenkt, wat het zegt, dat er zulk een grens, zulk

een

diepgaand

onderscheid

en dus zulk een afstand tusschen u en

Schepper bestaat, zult ge ook vatten, hoe en

de

heilige

drang

dezen afstand in

in het

vroom gemoed de

stille

uw

bede

kan opkomen, om, kon het en ware het mogelijk,

te korten,

en zoo in hooger en inniger zin nabij

God

te zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 15

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's