E voto Dordraceno - pagina 321
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. XII. HOOFDSTUK VI.
man
aan allen
in dit volk het zegel
maar na hen nu
der gerechtigheid in de besnijdenis;
alzoo verkoren en gezegeld te hebben, zegt de
Heere
„U, gelijk ge daar nu staat als mijn verkorenen en mijn
alsnu tot hen:
gezegelden, u sluit
om uw
ik,
van mijn priesterschap
Het
315
overtreding, na u eerst geroepen te
Gij
uit.
hebben
himt het niet bedienen."
diepe van deze vernedering springt in het oog. Als zelfs het uit-
besneden
en
verkoren
dan ? Zoo
dus
ligt
volk
geen priesterschap meer vervullen kon, wie
mensch, die zondaar wierd, hiermee in
alle
zijn
smaad
en verwerping van het priesterschap neder.
En
opdat
Aaron
kunnen
nóg sterker zou uitkomen, en niemand wanen
dit
zou, dat
ten minste krachtens eigen persoonswaardigheid priester zou
zelf
wordt
zijn,
op
er
alles
ingericht
om
den persoon
tot niets te
herleiden.
Daarom wordt
het priesterschap erfelijk.
naneef van Aiiron kon priester
Juda voor
uit
En meer
was
altoos
terwijl
zijn,
het
zoo
uitgesloten.
man
om Gods
En
hem
voor
liet
sprengen, dat ieder zien kon: het
maar niettegenstaande
is,
God de Heere hem ceremonieel
en zalven en andere kleederen aantrekken en
wasschen,
rein
bloed
in dien
man
nog.
Als nu iemand priester wierd, dan eerst
De onbeduidendste en minste de vroomste en heiligste
zijn
is
niet
om
wat
onbekwaamheid en onreinheid,
roeping.
opdat
alleszeggende
dit
die reiniging telkens bij
feit
nimmer vergeten kon worden, moest
den priesterdienst herhaald, en gedurig eerst voor
den priester zelven bloed gestort worden. Zoo wist men dus: lijk
was bet
uit
;
en
2".
dat
priesterschap
kwaam
Ten derde
alle,
mensch,
uitgevallen
die
en
zondaar wierd, hierdoor vanzelf
voor
de
bediening
zij
er
van onbe-
opgemerkt, dat Aarons priesterschap volstrekt niet alleen
Verzoening was.
wordt vaak zoo gemeend en opgevat, en het
Dit
dat men,
omdat
bijkwam, hierdoor
En
dat dit schaduwachtig priesterschap niet wezen-
was.
een priesterschap der
pelijk
1".
toch, het
Ongetwijfeld
zijn
zelfs
aandacht uitsluitend
liet
licht begrij-
voor de zonde
boeien.
niet zoo.
is is
is
er onder zondaren altoos offerande
er in de bediening
van Aarons schaduwachtig en voor-
beeldend priesterschap een zeer breede plaats aan de bediening der verzoening niet op.
ingeruimd,
maar
toch, hieraan gaat zijn priesterschap volstrekt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's