E voto Dordraceno - pagina 341
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXIII. HOOFDSTUK XIII.
mensch
woord
Hem
wat
Ik tot een rechtvaardige." Juist echter omdat dit een her-
stel
scheppend
keert het niet ledig tot
is,
behaagt. Het
is
zegt dat ge rechtvaardig
niet zoo, dat
Hem
maar omgekeerd, omdat God
zijt;
niet
de
dood
zijn,
„Omdat
verklaart
God ons rechtvaardig;" want
God u
u
De grond u
verkoor
zoudt
blijft
hieruit
;
werking van
de
„Gij
zijt
komen zouden. Waar
Ge moogt
het ging juist omgekeerd toe
:
om-
daarom heeft Christus voor
dus liggen in Gods vrijmachtig welbehagen. rechtstreeks
vloeide
God u
Dit nu verklaart
zijn.
door
ring,
:
tot een rechtvaardige gesteld had,
voldaan.
Hij
zegt:
Christus voor ons voldaan heeft, daarom
niet
zeggen
al
die God, die de dingen
Hij door zijn scheppend woord het leven.
dan ook
dat
is
roept alsof ze waren en opdat ze er
schept
is
maar doet
weder,
God, omdat ge rechtvaardig wordt,
rechtvaardig," daarom trordt ge rechtvaardig. Hij die
341
te
voort, dat ge rechtvaardig
wezen, en krachtens deze verkla-
machtwoord, komt nu
dit goddelijk
alles
tot
stand, waardoor ge een rechtvaardige zult blijken, en als een rechtvaardige
voor Gods vierschaar zult staan.
Dit zijn woord nu spreekt de Heere niet enkel
ook
uit.
eisch,
dat
gaat de
omdat God het
sprak, gelooven en in Christus pas
aannemen
zou.
aan het einde van het
woord
dit
zoodanig aannemen. Ons geloof
als
persoonlijke
rechtvaardigmaking wordt ons wel in den Midde-
maar
het steunt ten slotte toch altoos uitsluitend op het
laar toegebracht,
woord
mensch
tot alle
toch moesten de kinderen Gods in de dagen der patriarchen
en van Israëls volksbestaan, onze
maar het
de mensch dit woord, zonder meer, zonder eenige nadere
Al volgt dus de verwerkelijking
aan
zich zelf,
maakt het bekend, en hiermee kwam
Hij
aanwijzing, alleen
Oud Verbond,
bij
van God, op
zijn
uitspraak en goddelijke verklaring. Hij zegt het,
en hoewel ge u nog een zondaar weet, moet ge toch gelooven dat God het beter weet, en op zijn zeggen, en op dat zeggen alleen, ook zelf gelooven
God rechtvaardig
dat ge voor
Maar
natuurlijk
blijft
zijt.
het hierbij niet. Juist omdat als
ook geschiedt en er komt, moet het
licht
komen.
God zag u
doemschuldigen zondaar zegt Hij vlak tegen elkaar
dus
in.
als een :
„
Gij
En omdat God
doemschuldig zondaar. Tot dezen een rechtvaardige." Dit druischt
een
God van waarheid
allen
werkelijk zoo
is
is,
moet het
en alzoo
uit-
Daartoe nu verschijnt de Middelaar. Deze Middelaar treedt plaats
bekleedend
zonde
spreekt, het
zijt
nu uitkomen, dat wat God sprak ook
komt.
God
uw rechtvaardigmaking dan nu ook aan
niet
tegelijk
op.
voor één persoon en dus niet voor u alleen, maar voor Hij gaat in aller plaats staan; neemt aller schuld en
over; en met deze schuld en vloek beladen, zinkt
hij
weg
in
den
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's