Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 318

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 318

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XLIVè. HOOFDSTUK V.

320

Doch

nu een worsteling

grijpt

hierbij

den Heiligen Geest en ons ge den Heiligen Geest evenbeeld, weerstaan,

en leeerzaam

willig

En

ruiter.

gaan

met

juist dit

ik op

zijn,

Hem

bedroeven,

en

als het

bij

dit

bij

paard in den

u vervormen naar Gods

strijd

u voegen naar den deel aan

Wet, merkt ge op

die

Want nu kunt

tegenwerken, of ook ge kunt

nu hangt voor een zoo aanmerkelijk

Gods Wet. Leeft ge

in

en

dit onderwijs

bij

Hem

plaats, een worsteling tusschen

den bodem van ons hart.

uw

in-

haar, gaat ge er

dan wordt allengs uw zin en neiging naar

geestelijke kennisse op in,

de meening des Geestes in u omgebogen, en dan komt vanzelf dat willen

en dat werken, dat de Geest in u werkt; en overmits de gewoonte ^e66elijkheid teweegbrengt,

u het leven

En

hiermee

is

God

van

komt zoo

uit de liefde voor

allengs in u die heilige hebbelijkheid, die

uw God

Wet Gods

de toelichting van de

gebruik

geordineerd

maakt.

tot een vanzelfheid

en van haar wettig,

ten einde gebracht; dan

niet tot het laatste stuk, dat van het

mogen we toch

Gebed, overgaan, zonder een woord

van ernstige aanmaning aan de Dienaren des Woords en aan Gods volk

om

in ons midden,

deze kracht der

Wet

toch bezielder en rijker en vrucht-

baarder dan tot hiertoe te laten uitgaan. Neen, de bevinding des harten, maar juist in het spoor der

Wet Wet

ligt niet is

buiten de

het, dat de ge-

zonde, ware geestelijke bevinding van genade dien verschen en levendigen

weg

vindt, die

haar onderscheidt van

alle

valsche mystiek.

die voorwerpelijk blijft, is als een medicijn

geren

in

nemen. Het medicijn moet

te

Een waarheid

op de beddetafel, dat we wei-

in ons

opgenomen, het moet ons

door de Dienaren worden ingegeven, en Gods volk moet het zich toeëigenen. als,

En

geschiedt

dit

niet

door

allerlei

lijkheid,

in

al

haar

fijnheid

en in

wordt aangewend, dat Gods kind, een inzicht

rijkdom als

particulier verhaal,

naar den eisch van onzen Catechismus, de Wet Gods in

in

zijn

zonde en

van Christus

zie

zijn

al

al

maar wel haar heer-

haar geestelijk verstand, daartoe

iegelijk

naar

zijn toestand,

verderf erlange, hoe langer zoo

almeer

meer den

en uit den Middelaar zich toeëigene, en alzoo,

vrucht hiervan, zijn geheele zielsbestaan steeds meer vernieuwd worde

naar het evenbeeld van God.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 318

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's