E voto Dordraceno - pagina 35
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XIX. HOOFDSTUK
van God Drieëenig, èn
35
I.
het instorten van gaven èn
bij
de leiding en de
bij
sturing van het leven der kerk en der volken, alleen door den Middelaar
nu
dat
uitgaat,
wat
het
is
de Apostolische geloofsbelijdenis aanduidt,
door op de Hemelvaart te laten volgen het gezeten zijn ter rechterhand Gods.
Een koning kan een ongelukkig nood
in
kwam,
dood
en
op
afgezant heen zenden, door wien
dat
maar op beding, dat
om
woord
óf wel
;
zenden, aan wien
koninklijk paleis
konings eigen hand het goud en zilver dorpelingen een prinselijk afgezant
tot die
de schatten van zijn goud en zilver meegeeft, opdat
hij
werk
het
persoonlijk,
zelf,
kan
hij
's
pestilentie
kan er èf een
ze alvast troost en verkwikt,
hij
hun hoofdlieden naar het
daar rechtstreeks uit
ontvangen
deze
ze zelven
misgewas of
wijs redden. Hij
aan deze ellendigen doet aanzeggen,
hij
ze helpen zal, en door wiens
hij
zenden, te
dorp, dat door
tweeërlei
redding
der
volvoere.
Welnu, was de
Middelaar alleen ten hemel gevaren, dan had God Drieëenig zich zelven het uitdeelen der gaven en de eigenlijke gelukkigmaking voorbehouden. daarentegen, nu
God Drieëenig den Middelaar
hem
hemel, maar
ook zet aan
van dien Middelaar wel alles
wat Hij
al
maar
zelf,
doet niets
Nu
niet alleen laat opvaren ten
rechterhand, nu stelt Hij in de hand
zijn
volk ten goede bedacht heeft, en doet
zijn
dan door den Zoon.
Eerst zoo voelt en tast men, hoe metterdaad dat „zetten van den Zoon
aan
rechterhand"
zijn
ons
mogen
zoo
om nu
gesteld,
afzonderlijke,
God Drieëenig
wichtige daad van
we
een
uitdrukken,
is
;
geheel
hoogstge-
opzettelijke,
en tevens hoe hierdoor God
volstrekt
niet
op
zelf, als
non-activiteit wordt
voorts alleen den Middelaar te laten werken,
maar hoe
integendeel in heel de actie, die nu voortaan van den Middelaar uitgaat,
God Drieëenig werkingen,
zelf de oorspronkelijke
na het gezet
dat
verschil,
die
eerst
zijn
ellende
is
dan, als een aardsch koning
zoon
zijn
middelen zal
werkten,
onmiddellijk
dengeen, die aan zijn rechterhand
Ook
tot
niemand
naar
de
ter
is
en
blijft.
Alleen met dit
nu middellijk werken door
gezet.
bij
overstrooming of andere namelooze
geteisterde streken zendt en
leniging van de
wereld
Werker
van Christus aan Gods rechterhand, diezelfde
rampen meegeeft en
hem
tevens de
zelf uit doet deelen,
zeggen of denken, dat de koning
zelf
nu
niets
deed, en dat alles gedaan wierd door den prinselijken zoon. Integendeel,
ook lijke
bij
alle
prins
hen redde
was
die
hulde en dank voor den moed en de liefde die deze koninkbetoonde,
zal
toch ieder moeten bekennen, dat de daad die
van den koning uitging, en dat het zijn vorstelijke mildheid
hen redde.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's