Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 345

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 345

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

:

ZOND. XXIII. HOOFDSTUK VIII.

uw

Zoolang

maar

geloof ontbrak bestond ze wel,

345 wist er niets

gij

van af

en het was voor u dus zoo goed alsof ze niet bestond. Of ook, ge had er wel door uitwendige predikatie van gehoord, maar ze geloochend, althans in de toepassing op u zeken. In beide gevallen bestond ze dus voor u persoonlijk

Nu

op.

maar nu door

niet,

feitelijk

ge

ziet

ze.

Nu

het

daadwerkelijk geloof gaat het

Daar vandaan komt het dan

making

En van nu

bestaat ze voor u.

rechtvaardig voor

God

?" beteekent niet

voor Gods eeuwige aanschouwing?" maar: ge,

u voor Gods aangezicht stellende, u

in

het

60^'**

antwoord op de

wat God in

genoemd

De vraag: „Hoe

Hoe

:

En

uw

van

dit

ge rechtvaardig

zijt

„Hoe bestaat dat voor

dat

u,

een rechtvaardige weet?" Ook

als

Vraag wordt dus

niet gezinspeeld op

zelfs

wedergeboorte

melding gemaakt, maar

geen

uit-

uw daadwerkelijk

sluitend de zaak besproken van uit het standpunt van geloof.

ziel

eeuwigen Raad deed, en de opstanding van Christus niet

zijn

en

uw

Catechismus de rechtvaardig-

ook, dat de

bijna uitsluitend in dit vierde stadium bespreekt.

zijt gij

licht in

af aan rekent ge er mede.

kon niet anders, want de Catechismus

een i)ersoonlijk

is

getuigenis van den geloovige, die de wonderen van Gods genade terugkaatst uit het spiegelvlak

Dat „zoover

van

zou

opgevat,

dan de ander. Hij,

weinig

want

geloofde,

ge

en

blijft

en

waarin

ze opving.

hij

van het antwoord,

slot

met een geloovig harte aanneem". Immers

dit beteekenen, dat de

die ten

het daar heet

als

één meer gerechtvaardigd

volle geloofde, ten volle;

nog slechts een weinig. En

dit

en die nog maar

nu kan natuurlijk

niet,

uw

„rechtvaardigheid" ook nog maar een korrel ontbreekt,

ge een onrechtvaardige.

Het beduidt genieting

ziel,

van tweeën één: „rechtvaardig" of „niet rechtvaardig," en

zijt

zoolang er aan zijt

zijn

aan het

ook,

zulk een weldaad

ik

letterlijk is

ge

ziet

dan

ook

heel

anders en wil zeggen

iets

:

dat de zalige

van uw rechtvaardigmaking voor u alleen bestaat, zoo dikwijls

uw geloof niet, maar uw rechtvaardigmaking dan ook g^Qn genieting,

voor zooveel ge ze gelooft. Als ge slaapt werkt

in

uw

slaap hebt ge van

al

zal

een kind Gods nooit zeggen, dat

rechtvaardig

is.

overeenkomstig

Soms zal

hij

alleen hij den

hij

kwijnt zijn geloof, dan weer

is

ook overdag de ééne maal

rijk

dag voor God

het sterk, en dienzijn

en volop in

zijn

rechtvaardigmaking genieten, en een ander maal er nauwelijks aan denken;

maar toch weet zijn

God

geloofswerking, heerlijker

kind

Die

van

hij

doorgaat.

en

zeer wel dat zijn rechtvaardigmaking al dien tijd

Gaandeweg naar

zal

diezelfde

hij

mate

toenemen zal

voor zijn zielsoog gaan schitteren;

God zeggen, dat gaandeweg

rechtvaardigmaking

ligt

als

zijn

een gave

in

bij

geloofskracht en

ook zijn rechtvaardigmaking

maar

nooit zal

daarom een

rechtvaardigmaking toeneemt. gifte

van Gods ongehoudene

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 345

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's