E voto Dordraceno - pagina 186
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
180
ZOND. VIII. HOOFDSTUK VI.
Een
kunnen
niet
uithouden
verzoening met dat Eeuwige
nen
verzoend
Wezen dan
Eeuwige Wezen geraakt
nu
dit
te staan;
tot de belijdenis
van den Drieëenigen God.
geheel hetzelfde als steeds en overal weer toe te vallen
omzwerft
op
maar
aan
woord
zijn
Daarentegen wel
paden, of zich opsluit in het
wijsgeerige
Christelijk hospitaal, ja, die belijdt ook
eenigheid,
zelven ; en een niet kun-
is.
is
buitenaf
onver-
grondtoon van heel ons godsdienstig belijden en
den
tot
leven te maken,
Wie
Hem
in
om
een niet willen zoeken van
eer de ziel wezenlijk en werkelijk weer in verzoenden
zijn
staat met dat
En
van den weedom des harten,
Wezen
zoend tegenover dat Eeuwige
pro memorie nog de
eens op, hoe bijna nooit ze voor
let
hem
heilige Drie-
leeft,
of kracht
bijzet.
wie terugkeerde tot de waarachtige wegen Gods, en zoo-
verdoemelijkheid, als zijn verzoening en zijn genieting van ver-
zijn
zoening altoos voor het aangezicht Gods doorleeft,
van den Drieëenige
belijdenis
;
die
die heeft vanzelf de
o,
kan er niet buiten
;
die
kan nooit een
der Drie missen; en dien kan nooit de Eenheid dezer Drie ontgaan.
En
komen we
zoo nu
vanzelf op de belijdenis van dien Drieëenige als
de meest absolute Souvereiniteit, waarmede we de bespreking
bezittende
van deze achtste Zondagsafdeeling besluiten. Steeds hebben de Gereformeerde kerken op deze volstrekte Souvereiniteit
nadruk
allen
gelegd, niet enkel in het werk der zaligheid,
werk Gods zoo der natuur door
Hem,
zins
tot
De
Hem
alle
De
der genade.
dingen zijn"
maar
belijdenis dat „uit
in alle
Hem,
alleen bij deze kerken eenigs-
is
haar recht gekomen, en we zouden de heilige zaak onzes Gods
verraden,
dagen
en tot
als
zoo
we
er geen open oog voor hadden, hoe ook weer in onze
juist deze belijdenis het
meest gevaar
toestand van het Christendom
is
loopt.
zooveel hachelijker dan
men
denkt.
Bijna niet één stuk der Belijdenis wordt, we zeggen niet, door de afval-
en ongeloovigen, neen maar door de Christenbroederen anders dan
ligen
owzuiver beleden.
zoeken
nisse
de Schriften een
Om
saam
het leerstuk van den Christus heeft
men
alle
ken-
te trekken en wel verre van ons den Christus naar
te prediken,
prediken schier alle
Christus, die wijsgeerig gedacht
is,
en
Vermittelungstheologen ous
alle
ketterijen der
oude kerk
hernieuwt.
En waar men des
alzoo
in
het middelpunt der Belijdenis zelve het rad
levens uit de spil lichtte, hoe kon het daar anders of zonder eenige
uitzondering moest wel op elk punt der Belijdenis van lieverlee heel anders
geleeraard
iets
worden, dan de Heilige Schrift en op haar voetspoor
de kerk van Christus, had bedoeld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's