E voto Dordraceno - pagina 506
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
506
ZOND.
geeren,
maar na een
telkens
bij
Nu
ook
gegeven
wordt.
geestelijken
zal,
om
aanroepen,
dat
niemand
bijzonder krachtige opwekking des
ontkennen we Gods,
niet,
die
dat het een zeer goede
hun matheid en dofheid
over
afzonderlijk en ook gezamelijk
door een geestelijke verrijking te worden verkwikt. In zoo
en
dorst
verlangen naar een meerdere gave des Heiligen
dit
Geestes over het algemeen sterker hieruit volgt
toegelaten, die eerst
vanzelf, dat wel
hierop dus niets aan te merken, en ware het wel te wenschen,
is
deze
Maar
ontvangen.
den Heiligen Geest zal loochenen,
van
komen van
ook
kinderen
zoo
zijn,
te
dat er in iemands leven, of ook in zekeren
met vasten en gebeden den Heere
klagen,
verre
En
levens.
kan
Het spreekt toch
genadewerking
het betwisten
kring oogenblikken kunnen
zaak
weer op dezelfde wijze saamkomen, en
jaar, of Janger,
wel onderscheiden tusschen de zaak en de voorstelling,
hierbij
van
voortdurende
de
noch
I.
vernieuwing dezen Doop des Heiligen Geestes pogen
moet
er
die
XXVI. HOOFDSTUK
toch
is
Gods volk gevoeld wierd.
bij
nog volstrekt
dat daarom de voorstelling
niet,
men
in deze Engelsche kringen van deze zaak geeft. Voor-
het
geheel
verkeerd
gezien, alsof het gebeurde van
den
De
uit-
Pinksterdag zich nog telkens in de kerk van Christus herhaalde.
Gods kerk
storting van den Heiligen Geest in
en
is
onder die teekenen, die in Hand.
zelfde
herhaald.
wijze
mag
Nooit
mag
n
slechts
is
éénmaal geschied,
vermeld worden, nooit op
die-
dus eenige geestelijke opwekking met
het gebeurde op den Pinksterdag op één
worden geplaatst. Maar ook
lijn
ten andere gaat het niet aan, zulk een geestelijke opwekking onzen eigenlijken,
wezenlijken
Doop
een Doop, niet enkel
te
noemen. Ongetwijfeld
gelijk die
is
de Christelijke Doop
van Johaunes met water, maar altoos een
Doop met den Heiligen Geest en met vuur; maar omdat de Doop met de werking van den Heiligen Geest
Christenheid hangt,
men nog
heeft
volstrekt geen recht,
om
der
rechtstreeks samen-
den naam van Doop
te
geven aan elke werking die van den Heiligen Geest uitgaat. Die werkin-
gen
zeer onderscheiden, en dragen overeenkomstig die onderscheiding
zijn
velerlei
namen. En nog minder gaat het aan, Geest
Heiligen stellen
deze
alsof
Avondmaal
men dan
den
eigenlijken
Doop
Doop
zich telkens
te
in
zien,
kon herhalen. Ook aan het
heeft een werking van den Heiligen tot
de
monsterachtige
deze werkingen van den
en het dan toch voor
voorstelling
te
heilige
Geest plaats, en zoo zou
komen, dat men
eigenlijk
gedoopt wordt onder het gebruik van het heilig Avondmaal.
Niemand
late zich dus door zulke
verwarde voorstellingen op het dwaal-
spoor leiden.
Het overdrachtelijk gebruik van het woord Doop behoeft daarom afgesneden
;
maar men houde wel
in het oog, dat zoodra het
niet
woord doopen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's