Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 468

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 468

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XVLIII. HOOFDSTUK

470

naar

Catechismus

heerlijke

die

toekomst,

als

II.

het in het slot van het

antwoord heet: „totdat de volkomenheid uws Rijks toekome, waarin Gij zijn

men, hoe onjuist het

zult alles in allen." Zoo ziet

om

is,

der hemelen te zoeken in schoone denkbeelden van wat

Neen, het Koninkrijk der hemelen

luidt.

geweest was

aarde

op

is

het Koninkrijk

lieflijk

en wel

is

een tastbare werkelijkheid, die

het paradijs, van deze aarde verbannen was

in

door de zonde en den vloek, en die, met Christus uit de hemelen terug-

gekomen, van

macht

tot

In

kribbe en kruis af begonnen

zijn

verzoeking

de

is,

de

in

woestijn,

is

de koninkrijken der aarde nooit zouden ontstaan

menschheid

had

niet

Even weinig

baar

maar

alleen éénig

indien de zonde de als

Koning

God Koning kan

zijn,

zoo zou

Koning over heel ons menschelijk geslacht

mensch

de

indien

zijn,

zijn,

er velerlei koningen in de eeuwigheid denk-

als

in de eeuwigheid alleen

God

ook op aarde

er zich bewust van, dat

en gedeeld, en alzoo aan God

gesplitst

onttrokken.

gebleven

op aarde weer feitelijk

gaat daarom een der drie pleitge-

dingen over de koninkrijken der aarde. Satan

zijn,

om

komen.

te

van

niet

Hem

was afgevallen.

Alle

koninkrijken der aarde zijn stichtingen, die haar wortel en oorsprong in de

zonde

vinden.

Iets

wat natuurlijk evenzoo geldt van

republieken en

alle

andere staatsvormen, waarin bestuur en beheer over de volken doormenschen gewettigd

en in feit,

is.

als

er,

de Overheid gesanctionneerd

getrokken hebben, maar dit doet niets te kort aan het

zijn dienst

dat

Na den Zondvloed moge God

het wél ware, niet één menschelijk koninkrijk zou

mogen

bestaan. Vandaar dat Satan zegt: Alle koninkrijken der aarde zijn mijne,

en

ik

geef

ze

aan

Christus gekomen

wien

is,

om

wil.

ik

Maar ook weet Satan

andere koninkrijken te vernietigen en weer

alle

op te smelten in het ééne Koninkrijk van God, waarover

Koning heerschen

En

gegeven.

tot het ten leste

zal,

zeer wel, dat

hij

voorloopig als

aan God den Vader wordt terug-

zóó juist verklaart zich de zware verzoeking die Jezus juist

op dit punt in de woestijn doorstond. Koninkrijk dat aan

De zaak was

God door den mensch

namelijk deze, dat het

ontrukt was, ook door een mensch

weer aan God moet worden teruggegeven, en de mensch, die is

dit

doen

zal

Christus Jezus. In de gevallen engelenwereld keert het Koninkrijk nooit

terug.

Want

aan

duisternis rijk

is

gebied

Het kwam,

een is

wel heerscht God ook in Satans gebied, en

Hem

onderworpen,

organisch

niets

niet

als

ook de buitenste

een rijk; want een

geheel, een geordende saambinding, en in Satans

dan uiteenspatting, geweld en verstrooiing.

geestelijk karakter

en

maar

is

sinds bezig

is

luister schitteren zal, ligt

van

dit Koninkrijk,

dat uit de hemelen terug-

zich te bevestigen, en dat eens weer in vollen

nu

juist daarin dat het een

Koninkrijk

is.

De

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 468

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's