Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 207

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 207

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XXII. HOOFDSTUK

Ons sterven van

stantie

leven

in

ziel

verbond, een

nu deze scheiding in ons sterven,

bij

dan gaat deze scheiding en ontbinding

verder door.

Ook voor ons lichaam toch

school het

van de krachten die in ons lichaam werken;

saambindiny

de

maar na den dood

Is

volkomen,

snik,

lichaam nog

ons

op

aan de substantie van onze

en lichaam.

ziel

jongsten

onzen

dus een losmaken van den band, die de sub-

blijft

lichaam

ons

van

scheiden

en

is

207

II.

treedt ook hier de scheiding in

;

ook de banden die de

deelen van ons lichaam saamhielden, worden ontbonden, en zoo gaat het

onthinding

in

lijk

van ons lichaam meer

Nu had

het,

overblijft.

dit dient duidelijk uitgesproken,

en

hem

de Heere, als Hij een mensch wederbaart,

naar lichaam en kinderen

Gods

ziel

waarneembaars

tot er ten leste nauwelijks iets

over,

beide.

Dat

dit kan,

kunnen

zijn,

dat

God

opeens wedergebaard had,

blijkt uit

wat Paulus zegt van de

de wederkomst des Heeren beleven zullen, en alsdan

die

zonder sterven in de zaligheid zullen ingaan. Het

ook aan Henoch

blijkt

en Elia. Maar evenzeer staat vast dat zoo in den regel de weg des Heeren niet

is.

Hij baart ons niet aanstonds in volkomenheid weer naar de

maar begint met slechts een zaad Gods

ziel,

in onze ziel te leggen, welk zaad

dan opschiet en wortelt tegen de oude natuur

in.

En

evenzoo schiep Hij

de wedergeboorte ons ook wel de kiem in van het straks herboren

door

en

verheerlijkt lichaam,

en

kwaal

onderhevig,

maar niettemin en

ook

het lichaam nog aan dood

blijft

Gods kinderen komen eenmaal aan hun

sterven toe.

Dit sterven nu

ding tusschen gezegd, zoo

scheiding al

is

ziel

men

ook voor hen, dit

en lichaam.

ligt

den aard der zaak, een schei-

in

Ja meer dan

dat.

Het

is

toch te weinig

het sterven bepaalt tot deze enkele scheiding.

van het lichaam

sluit voor

de

Immers,

ook in een afscheiding van

ziel

datgene icaarmee het lichaam ons gemeenschap schonk. Door het lichaam

zijn

we verwant met deze heele

Door ons lichaam

zichtbare schepping.

hebben we gemeenschap met de wereld. Alleen door het lichaam zien en kennen en onderscheiden we. Door ons lichaam staan we ons

geslacht,

met

ons volk, met ons vaderland,

met de

in

verband met

strijdende kerk

Gods op aarde. Door ons lichaam houden we op aarde gemeenschap met heel het menschelijk leven en wetenschap en gezelligheid en maatschappelijk bedrijf.

naam

Alleen door ons lichaam bezitten we onze goederen, onzen

en onze positie op aarde. Niet alsof op

inwerkte, en alsof er geen geestelijke

dit

alles

ook onze geest niet

banden doorheen gevlochten lagen,

maar desniettemin was ons lichaam toch het onmisbaar instrument, om met

dit alles levende,

dat

ons

sterven niet

bewuste gemeenschap

te

onderhouden.

maar het scheiden van de

iiiel

uit het

En vandaar lichaam

is,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 207

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's