E voto Dordraceno - pagina 552
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
552
ZOND.
opent zich in
zijn
delijke
licht
van
geloof;
maar
tot
Een
XXVI. HOOFDSTUK vin.
hart de bloesemknop van het geloof, zoodat het vrien-
Evangelie er kan instralen.
het
staat
meer
zonder
zich
op
hij
tot
hij
een geloof, dat nog slechts in zijn eerste stadium verkeert.
kiem en wortel
geloof dus dat wel gaaf in
maar dat
Zoo komt
3.
zich
zelf
gepredikt wierd en dat
en hij
is
en zuiver in zijn aanleg,
tot vrucht kan zetten. terwijl
alleen,
Zonder meer toch
hem
juist dat Evangelie dat
aannam, den rijkdom van een nieuiv leven
in
een nieuwe gemeenschap en in een nieuwe wereld opent; hier beginnende,
en eens in heerlijkheid voltooid daarboven.
Zoo brengt dus
mede,
geloof reeds in zijn eerste stadium vanzelf het besef
dit
het nog onvolkomen
dat
en dat het uit deze eenzelvigheid in
is,
de gemeenschap der heiligen moet ingaan het gebod van den Christus, dien
hij
nu
;
en het EvangeUe brengt
belijdt,
hem
dat deze ingang in deze
heihge gemeenschap geschieden moet door den heiligen Doop. Eigen drang
en neiging tot gehoorzaamheid brengt er hoe eer hoe beter
nadat
Terstond
hem
geloofsoog
dus 4.
opengaat, kan
wagen, niet aan een stroom van water komen, of
van
water het verlangen naar den Doop in
dat
weg
over zeide
,
:
kwamen
reisden,
aan
zij
toe,
om
dezen Doop
maar aan den kamerhng van Candacé.
zoeken. Zie het
te
het
hem
hij,
rijdende in zijn
ijlings
wekt het gezicht
hem
op.
„En
alzoo
zij
een zeker water; en de kamerling
Ziedaar water, wat verhindert mij gedoopt te worden?" Tweeërlei
drang ontmoet dus hier elkander. Eenerzijds de drang van den bekeerling
om om
gedoopt te worden, en anderzijds de drang van den Christusprediker
den
bekeerling
aan
gebondenheid
te
In
doopen.
gehoorzaamheid aan Christus en
Doop dus
instelling heeft de heilige
zijn
water besproeit het lichaam van den doopeling en de
wordt
eenig
regeert,
en
besproeiing
van
hart hij
aangeroepen.
ook
dezen
En
Christus,
bekeerling
aan
dezen
voor
toebrengt,
kerk
doet deze het
door
inleidt.
Doop, met de Doopsgenade die de waterbesprenging doopeling
af,
heilige wereld,
gaat
ling
kerk
zijn
dusver op zich zelf stond, nu in de geloofsgemeen-
snijdt 5^. deze
vroeger uit leefde,
nieuwe
Drie-
hemel
doopeling, en wel door deze bepaalde genadewerking dat
den
zijn geloof, dat
Zoo
naam van God
den
uit
zijn
Het
met water verzeld gaan van een hemelsche werking op
schap met het Lichaam van Christus
verzelt,
die
in
plaats.
dezen
en bindt
de gemeenschap met de wereld, waar
hem aan
dewelke
is
Doop,
nu
hij
de geloofsgemeenschap met die
het Koninkrijk der hemelen.
ook voor
zijn
De
doope-
geloofsbewustzijn, in de
gemeenschap met het mystieke Lichaam des Heeren over gevolg waarvan ;
is,
dat
alsnu
hij
lid
van het onverzoende terrein op het verzoende en
terrein
komt;
deelgenoot wordt van den heiligen kring, die onder Jezus
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's