Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 124

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 124

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XL. HOOFDSTUK V.

126

Al

Dood

we

iets

van zeggen.

Alle ellende

een begin van den

is

het

Lam

Gods voor

zijn verlosten

Maar anders

weggenomen.

dood

en dood de bange nasleep der zonde. Gods toorn

ken

tegen zijn heiligheid; en zoo

één.

Beiden

zijn

is

dan ook machten, waar

niets anders

overgeleverd

aangerand hebben,

zijn;

hetzij

God

tenzij

dan

zijn

dan een inwer-

is

menschen, eenvoudig niets

wij

hoegenaamd tegen vermogen, en waar we aan

uit

en ziekte

alle lijden

zonde en ellende in den wortel

alle

is

is,

den prikkel der zonde

op zichzelf

is

terugwerkende heiligheid, evenals de zonde niets anders

loos

Doods van

in zulke pestilentiën speurt ge de reuke des

al

Staat ge nu geestelijk, dan weet ge dat alle d,ood uit de zonde

al heeft

den

toch

er

en ook

;

verre.

ook

echter een breeder behandeling van dit punt hier ondoenlijk, zoo

is

willen

en willoos en machte-

slavelijk zelf,

zonder middelen,

dien

hetzij

we door onze zonden

met middelen er ons tegen

verweert of tegen beschermt. Niet een eenig mensch kan uit zichzelf aan

een

eenige

zonde

weerstand bieden; en zoo ook niet eenig mensch kan

om

een eenig geneesmiddel scheppen of een eenigeu maatregel bedenken,

aan

dreigend kwaad of een dreigende ziekte te ontkomen.

een

God de Heere

ook

Als dan

wapenen tegen de zonde en wapenen tegen

.ons niet

al

deze ellende in de hand had gegeven, en hierin ons zijn ondoorgrondelijke

lankmoedigheid had betoond, zou tigheid

uitbreken

en

alle

alle

mensch

kwaad en verderf

in de vreeslijkste ongerech-

rusteloos en ongestuit door-

werken, juist zooals het zijn zal in de hel. Dit toch karakter in de hel, dat daar elke stuiting én

dig

is juist

het eigenaar-

van de zonde, én van

ellende wegvalt, en dat het deswege in plaatse des verderfs zijn zal:

de

niets

dan gruwel der zonde en volheid des

verderfs.

Dat het nu op aarde zulk een helsche toestand nog

niet

is,

integendeel nog een menschelijk leven op aarde bestaan kan, te

danken aan Gods genade

:

maar dat

uitsluitend

bepaaldelijk aan die genade, die

met name

in het Noachitisch verbond uitkomt, en die volstrekt niet zaligmakend

(want het Verbond van Noach

maar

gegaan),

die dit heeft

is

met

alle vleesch, zelfs

God

ze,

met de dieren aan-

na het oordeel

staat der verlorenen weer loslaat. Die stuitiug

nu

de zonde ten gevolge, dat er onder zondaren nog ren noemden: burgerlijke gerechtigheid

;

in

den helschen

heeft ten opzichte zijn

van

kan wat onze vade-

en dat er een overheid ingesteld

is,

om

En

juist diezelfde stuiting heeft ten opzichte

er

is

teweeg gebracht, dat én de zonde én de ellende

tot op zekere hoogte gestuit is, tot

dat

er

is

het uitreken van de ongerechtigheid te voorkomen en te keeren.

onder

van de ellende ten gevolge,

zondaren nog een betamelijk geluk kan worden gesmaakt.

Alleen uit die stuitende werking der genade moet dan ook het aanwezig zijn

van

allerlei

genezende

kruiden

en

bronnen en metalen verklaard.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 124

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's