E voto Dordraceno - pagina 416
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
410
XV. HOOFDSTUK
ZOND.
Toch ons
voor
men
wachte
voor te sterke scheiding.
hierbij
en voor ons deed,
leed
zaamheid,
zich
IV.
zijn
„lijdelijke"
zeggen
wierd het lijdelijke gehoorzaamheid.
Tot
op
het
Ge moogt dus
Kruis was het dadelijke gehoorzaamheid, en
niet
toen
:
Jezus
en „dadehjke" gehoor-
wel ow^^erscheiden, maar niet gescheiden.
zijn
Wat
Hij leefde dus
om
mij de ge-
rechtigheid te verwerven en de wet voor mij te volbrengen en stierf
Met
mij het rantsoen te verwerven.
om
zulk een voorstelling toch zoudt ge
uiteenrukken wat saamhoort.
Neen,
Middelaar leed „al de dagen
de
zijn
al dit lijden
was tevens een daad. zijn ineengevlochten.
En
nergens
nu
wel
mogen
wij
een
zijn,
trekken,
in onze menschelijke
het rechte spoor, die hier
hoorzaamheid eeuwig
te zeggen,
dat dit
en
inbrengt,
leven"
uit
natuur en in de ge-
hem
vleesches, kon er geen wetsvolbrenging voor
zondigen
des
is
die niet tevens een lijden in zich sloot.
chismus
om
of ook wel wetsvolbrenging
lijden was.
Doordien Jezus gekomen lijkheid
scheidslijn
maar geen wetsvolbrenging,
lijden
maar geen
op aarde", zooals
ineengemengd. Ze vloeien door elkander en
ons eerste hoofdstuk aantoonde, en ook in
Beide
zijns levens
het
ook
bij
„de
En daarom houdt
de Cate-
het „geleden" de „dadelijke" ge-
genade,
zoenoffer, als het
gerechtigheid
de
en het
hoogtepunt zijner zelfofferande
afleidt.
Dat nu „genade, gerechtigheid en eeuwig leven" worden,
is
de toebedeeling van eeuwige gelukzaligheid.
toebedeeling te kunnen erlangen, moet het gezet
en
;
dit
Genade
ziel
is
kromme
En om
in
uw
ziel
recht zijn
aldus gelukzaligheid in het
trekking
meer
niet
zijn
genade.
dat waar het eerst vreezen en vluchten was, nu de liefde
is,
de
en
Eeuwig u
de
is
gerechtigheid.
Om die
hart te kunnen smaken, moet de gunste en de liefde Gods u toe-
vloeien, en dat
komt
genoemd
niet een zinledige woordenrijkheid.
is
„Eeuivig leven"
reine
afzonderlijk
strijdt
leven, dat
naar den Eeuwige. tegen
God,
maar
Gerechtigheid dat het in loopt
uw
in het goddelijk spoor.
u gelukzaligheid toekomt, waar de rampzaligheid van
vlood.
Deze aard,
genade, deze gerechtigheid en eeuwig leven nu bezit ge hier op
ook
al
zijt
ge bekeerd, niet in u zelven, maar die
is
alleen voor
u in Christus.
En
alles
hangt dus maar aan de mystieke gemeenschap,
wedergeboorte en geloof met den Middelaar hebt.
die ge door
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's