Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 508

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 508

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

508

XXVI. HOOFDSTUK

ZOND.

Ook de

berichten, die ons in de Evangeliën en in de Handelingen der

apostelen

ten

godgeleerden

Dooper

Doop

dienste

steunen

staan,

Was

niet.

de

opvatting

waar

en

de Roomsche

Doops ware geweest, en dus de

nog pas volgen moest, dan zou

zijn,

van

Doop van Johannes den

het metterdaad zoo, dat de

niet het sacrament des

later

bericht

II.

er ons toch iets

hoe de apostelen zelven gedoopt

zijn.

eigenlijke

van moeten

Want

wel

verhalen de Eoomsche godgeleerden, dat Jezus zelf Maria en Petrus gedoopt

zou hebben, en Petrus de overige discipelen deze

voorstelling

zonder

eenig

van

onderscheid

zin, zoo

;

maar

in de

Er wordt

den minsten steun.

niet

in

Evangeliën vindt

éénen adem, en

van den Doop van Johannes

als

den Doop van Jezus gesproken, en van een herdoopen of overdoopen door Jezus, van wie reeds door Johannes gedoopt was, wordt

melding

En wat

gemaakt.

Johannes

gedoopt,

aan dezen Doop door Johannes wordt zeer hooge

en

toegekend,

beteekenis

maar van een tweeden Doop,

ondergaan hebben, lezen we niets wieu

door

met geen woord

eigenlijk alles afdoet, Jezus is zelf wel door

;

dien Jezus zelf zou

terwijl het ook moeilijk valt in te

denken

tweede, en dan eigenlijke Doop, aan Jezus zou moeten

deze

zijn

toegediend.

En

dat

Jezus

den

wel

zoo zou

men dus

tot de

ondenkbare slotsom komen,

Doop van Johannes zou ondergaan

wie^eigenlijken

hebben, en dat aan dezen Doop door de Evangelisten het grootste gewicht

wordt

maar dat de

gehecht,

vraag, of Jezus ook den eigenlijken

Want

gehouden.

Doop, toen ook

zult

hij

gij

onderhevig, of

woord

dit

wel

tot

sprak Jezus later ook van zijn lijden als van een

Petrus zei: „Met den Doop waarmede ik gedoopt wordt,

gedoopt

worden",

we hebben

te doen.

Doop

maar één oogenblik zou hebben bezig

onderging, geen der evangelisten ook

hier

maar het

met een

Anders toch zou

is

aan geen redelijken

flguurlijk, overdrachtelijk

in het lijden

twijfel

gebruik van

van Christus tevens het

Sacrament des Avondmaals schuilen, daar Jezus erin één adem bijvoegde:

„Den drinkbeker er

niet

dien ik drinken

zult

zal,

gij

wel drinken." Eeden

waarom

anders kan geoordeeld, dan dat de berichten van de Evangeliën

ons omtrent een overdoopen van degenen die reeds door Johannes gedoopt

waren, niets melden, en eer het tegendeel waarschijnlijk maken.

Anders intusschen schijnt het met het boek der Handelingen Daarin

toch

Paulus

te

lezen we, Kap.

Efeze

vond,

XIX

:

en aan wie

niettemin den Christelijken

Doop

1

hij,

7,

te staan.

van ruim twaalf mannen,

die

hoewel ze reeds gedoopt waren,

toediende.

Het desaangaande ons door Lukas meegedeelde komt neer op het volgende. Bij

een

kwam

hij

bezoek door den apostel Paulus aan de kerk

te

Efeze gebracht,

daar in aanraking met een kring van mannen, die zich zonder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 508

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's