E voto Dordraceno - pagina 161
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXI6. HOOFDSTUK
En toen was het, dat om met krachtige hand belijdenisartikel
dit
voor Calvijn de schoone taak bleek weggelegd,
en helder bewustzijn, het verdonkerd goud van
nogmaals van het
stof der
menschelijke vondsten te
met zulk een kracht op den voorgrond
reinigen, en
een
161
I.
van kerken, het uitnemend gewicht van
reeks
het niet slechts in beur belijdenis opnamen,
maar
te
schuiven, dat heel
dit leerstuk inziende,
er geheel hare belijdenis
door beheemehen lieten. door Calvijns machtig initiatief
Eerst
de leer der Uitverkiezing het
is
cor Ecclesiae of „het hart der kerk" geworden.
nam met
van de ervaring der Middeleeuwen, dat
grond
vrede
zelfs
dit
nog
niet
genoeg
dat er voor de kerk van Christus geen andere keuze overbleef,
was,
en
dan
om
deze
of
belijdenis tot het
heerlijke
Confessie te maken, óf reeds
waarop
Waar Augustinus nog
óók deze waarheid in het licht te stellen, oordeelde Calvijn op
nogmaals
bij
het wondere
middelpunt harer gansche
den aanvang den dag voor feit
te
bereiden,
der Uitverkiezing onder het stof der
vergetelheid zou worden begraven.
Dit inziende heeft Calvijn deswege, met volkomen bewustheid van wat deed, wel wezenlijk het
hij
feit
der Verkiezinge Gods op den voorgrond
geplaatst. Zij die ook in onze dagen dit feit wel erkennen willen, altoos bijvoegen, dat het toch niet op
maar
er
den voorgrond moge geplaatst wor-
den, reageeren dus wel terdege tegen het uitgangspunt der Gereformeerde
kerken.
En
dat Calvijn juist en zijn bedillers owjuist zagen, blijkt wel op wijze
onomstootelijke
uit
het
feit,
dat ook thans weer de belijdenis der
Uitverkiezing èn in Engeland, èn ten deele zelfs in Amerika en Schotland,
èn niet minder in ons eigen vaderland, weer bijna spoorloos verdween kringen en groepen der kerken, waar
alle
men met
uit
Calvijn deze op den
voorgrond plaatsing niet aandorst. Feitelijk
aan
is
alle overige
groepen en kringen nu reeds weer over-
komen, wat aan de kerk na Augustinus overkwam,
t.
w. dat ze ^ro wtemone
nog altoos de Verkiezing op de reeks harer artikelen plaatsen, maar er
schier
nimmer mee waar
loovigen,
te
men met
om
rekenen; terwijl alleen in die kringen van geCalvijn het op den voorgrond plaatsen van de
Verkiezing plicht achtte, nog altoos in een onverzwakt mainteneeren van deze belijdenis te roemen valt.
Toch
mogen daarom
standpunt over één
Er
zijn
niet
alle
kam worden
tegenstanders van het Gereformeerde
geschoren.
onder hen sophisten, ondiepe lieden, halve vrienden en verklaarde
vijanden, die wel te onderscheiden
Sophisten E VOTO DORDR.
noemen we II.
al
zijn.
diegenen, voor wie het stuk der Verkiezing
H
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's