Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 489

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 489

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND.

wordt van den hemel alleen gewag gemaakt,

maar

neerdaalt;

hemels

in,

van de woonstede Gods

als

begeert de ziel enkel dat Koninkrijk, dat uit de hemelen

tweede

de

in

491

II.

bede van dien hemel gesproken wordt, meer. In den aanhef

derde

deze

XLIX. HOOFDSTUK

de

dringt

hier

die bidt, in het eigen leven des

ziel,

naar de ordinantie van dat hemelsche leven, ook haar levens-

of,

gang zich bewegen

Dit nu doelt rechtstreeks op het leven der

mocht.

engelen, die dan ook zeer terecht door den Catechismus hier niet slechts

kan in

voorgrond treden, maar zelfs alleen genoemd worden.

den

op

op

tot

hier,

Want

wel

zekere hoogte, ook gedacht worden aan de gezaligden

den hemel en aan de „vergadering der volmaakt rechtvaardigen" maar

dit

;

kan dan en

ders

toch slechts in zeer ondergeschikten zin geschieden. die ons in de eeuwigheid zijn voorgegaan,

zusters,

voorshands nog

hen ontsloten worden,

gekomen

en als

God

broe-

missen toch

moeten optreden. Die we-

de eigenlijke wereld, waarin ze

reld zal dan eerst voor

De

de Christus wederkomt,

als

uitverkorenen, rein naar de

het

laatste

ziel

en in hel verheerlijkt lichaam, onder den nieuwen hemel op de nieuwe

oordeel

Gods

voor

aarde,

is,

aangezicht

leven zullen. Thans echter verkeeren onze

afgestorvene broeders nog in den staat der afscheiding, d. w. ten naar de ziel de ongestoorde gemeenschap

z.

ze genie-

met hun God door

Christus,

en in die gemeenschap der zaligheid, maar ze derven nog de uitwendige, zichtbare

Vandaar hun klacht

heerlijkheid.

den

Troon: „Tot hoelang, Heere!"

ook

in

wil

kan

dit

er

Openbaring, van onder

beweren we daarom

niet,

dat er

afgescheiden zielsleven geen innerlijke volbrenging van Gods

zijn; alleen

borgen;

Nu

in de

is

maar

wij

niets omtrent

nemen

dit niet waar,

geen voorbeeld ter vergelijking opleveren. lippen gelegd

„Uw

:

het

is

voor ons ver-

geopenbaard; en in zoover kan het ons ook

Had

Jezus ons de bede op de

wil geschiede, gelijk door de gezaligden, zoo door ons,"

zoo zou die bede daarom

bij

pijnlijke,

ernstige worstelingen, geen vat op

ons gehad hebben, omdat de volbrenging van Gods wil door onze dooden

geen tastbaar Heilige

feit is,

Schrift

één

dat ons toespreekt. Nooit, nergens toch komt in de enkele

mededeeling voor van een afgestorvene, die

Godswege een opdracht had ontvangen, en

van

die deze opdracht willig

en getrouw volbracht had. Maar wat we wel gedurig in de Heilige Schrift lezen,

is,

heiligen,

om Gods

dat de engelen volvaardig Gods wil volbrengen. Niet afgestorven

maar engelen

zijn het,

wil uit te richten. In

Gods kinderen zingen

:

die gedurig onder

Psalm CIII: 20

„Looft den Heere,

gij,

menschen verschijnen

leerde de Heilige Geest

zijne engelen, gij krachtige

helden, die zijn woord doet, gehoorzamende de stemme zijns ivoords," en

evenzoo als

worden

„dienende

de

engelen in het Nieuwe Testament tot ons ingeleid,

geesten

of gedienstige geesten," die uit

worden gezonden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 489

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's