E voto Dordraceno - pagina 281
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. XI. HOOFDSTUK IV.
meer invloed op hem hebben, dan
die
275
nuttig
wij,
de voorspraak van
is
deze vrienden des Heeren te onzen behoeve in te roepen. Ongeveer zooals
u
ge
kunt, dat ge in de dagen van Jezus'
voorstellen
aan den discipel dien Jezus liefhad en die in
aarde,
zoudt verzocht hebben
„Vraag
:
gij
dit
omwandeling op schoot aanlag,
zijn
voor mij aan Jezus
!",
dat we zoo
ook aan de heilige apostelen of aan de heiligen der kerk vragen zullen
meer invloed
Gij hebt
Jezus dan
bij
ik,
vraag
voor mij, of althans
dit
gij
:
ondersteun mijne smeekinge!
Op en
nood
onzen
in
maar met en voor ons den
alleen laten staan,
niet
hun smeekingen. De apostelen gaan ons
in
de kerk heeft
eeuwen
alle
door deze practijk geoefend.
hierin voor.
En
het ge-
bed der gemeente gaat nog eiken Sabbath voor kranken en lijdenden
den Heere Daarin
dus op zich zelf de veroordeeling van de heiligen-aanroeping niet.
ligt
Of
1.
hierin
ligt
de voorbidding der heiligen zullen vragen, staat niet aan ons
wij
maar moet uitgemaakt door Gods Woord. Er mag
beslissen,
Godsvereering niets eigendunkelijks noch eigenwilligs
hoe die Godsvereering
bepalen
te
stipt te
dus
Jakob
en
aan
;
onzer
zou
volgen
patriarchen
of
dat
zijn
Maar
2. uit
met
is
De
Nu
we
ontkennen
hoort.
niet dat dit kan.
Maar van de
niets verzekerd of betuigd.
De
geleerd, dat ze die door de
nog
en onder het Nieuwe
;
voorspraak der heiligen na hun dood gaat
de
desaangaande niets geopenbaard
hemel ons
Nergens wordt van de
Ouden Verbonds
van de veronderstelling dat onze gebeden
dringen.
te
ontsloten, elk
woord van zulk een aanroeping sprake.
niet één enkel
van
beval.
Abraham, Izak
weg
die
priesterlijke voorbidding uitoefenden,
inroeping
daarbij
hun voorspraak verhooring
levenden onder Israël wierd verzocht en opgewekt
Verbond
was.
dit is niet zoo.
profeten of heiligen des
Niet wij hebben
Woord bepaalde en
gelast
Israël
Nieuwe Verbond ons
in het
moeten.
hun dood een
na
Woord,
roepen, ten einde door
te
was ook
en
vinden
dat
uit
zijn.
in onze
maar we hebben ons
zijn zal,
houden aan wat de Heere ons in
Bleek
tot
op.
Neen, ze
te
is
gedachte, dat onze broeders en zusters ons in ons gebed
lieflijke
Heere aanloopen Heel
dan ook niets ondenkbaars. Ook onder ons
zich zelf ligt hierin
het een
is.
tot
hen ook kunnen door-
Maar we
Van Jezus weten
apostelen of heiligen
Schrift zwijgt er van.
^)
zeggen, dat ons
we, dat
hij
uit
den
is
desaangaande ons
En
daar nu de Schrift
daarvan niet had kunnen zwijgen, zoo deze heiligen-aanroeping door God
')
Wat
Jesaja 63:
16 staat:
„Abraham weet van ons
wel niet rechtstreeks de voorbidding, maar
niet en Israël kent ons niet", raakt
pleit er toch eer tegen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's