E voto Dordraceno - pagina 314
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XXIII. HOOFDSTUK IV.
314
Er
volgt almêe uit, dat
iemand
bij
wien in de bekeering
dit
zaad des
van wasdom kwam, daarmee wel in beginsel
geloofs ontkiemde en tot begin
deze wereld van Gods heiligheden in zijn bewustzijn opnam, er geestelijk inzicht
en
ontving,
in
maar dat hiermede
zelf in terug vond,
zich
er
toeneming in helderheid en wasdom in zekerheid voor is
Een bekeerde moet
uitgesloten.
wat
zoo
de
van
bezegeling
de
en
nieuwe
dit
geloofsbeivustzijn
ongeloof
door
veeleer nog steeds rijpen en opwassen, zielsleven, als
zijn
zoo ook de verheldering van dit
leven,
hier op aarde steeds ojïvolkomen en gebrekkig
verduisterd
zal
om
blijven,
Doch onder
omsloeg,
dat
de
door
hem
zonde
de
is
en
nu met
dit toch
blijft
van geloof
in owgeloof
zijn
bewustzijn
van gedachten en voorstellingen omtrent zich zelven
omtrent God, die niet waar
en
is ;
dat
hij
zonder dat God een wonder
werkt, noch van dit valsche bewustzijn los kan komen, noch
met
bewustzijn tot een geestelijke kennis van den waren stand der dingen,
zijn 't
zondaar
hierdoor zijn bewustzijn vervalschte, en
inleeft in een wereld
in
ontluiken.
te
deze vormen van gedaantewisseling
al
hoofdzaak,
na den
eerst in, voor en
dood in de volle klaarheid van de aanschouwing
de
wat de verheldering en
bewustzijn aangaat. Iets, waaruit volgt, dat evenals
zijn
van
ontplooiing
nieuwe
van
ontplooiing
dit geloof geenszins
wat God,
zij
wonder
van
't
de
wat
zij
hem
zelf aangaat,
geraken kan
;
en dat nu het
van het geloofsvermogen en het wonder van
inplanting
ontkieming van het geloofsbewustzijn hierin bestaat, dat hierdoor die
de
valsche
van
wereld
ware wereld
de
gedachten,
waarin
wezenlijkheden
der
hij
zich
leefde, voor
voor
hem
hem
wegvalt en
o«<sluit
en
hém
insluit.
De Twaalf
Artikelen des geloofs
het heilige land;
maar
als
zijn,
ge zegt: „Ik geloof," dan betuigt ge hiermede,
dat dit heilige land niet alleen bestaat, der te
zoo ge wilt, slechts de kaart van
maar dat
gij
u
zelf
kent als een
burgers van dit heilige land, gerechtigd in dit land der heiligheden
wonen.
we
Stellen
hier
nu de rechtvaardigmaking
naast,
dan
blijkt
uit het
gezegde reeds terstond, dat alles hier aankomt op de vraag, hoe zulk een geloovige, wat zijn eigen persoon aangaat, in die ware wereld, in dat land
der heiligheden, in die wezenlijke voorstelling der dingen leeft en bestaat en
gerekend wordt.
Komt en
dus
helder
en
ook nooit is.
hij
in die nieuwe, ware, wezenlijke wereld voor als een zondaar
een
als
owgerechtig man, welnu, dan kan
verzekerd iets
inzicht
in
die
wezenlijke
zijn
hij
in
i.
wereld der dingen
anders aanbrengen dan de verzekering, dat
Maar ook omgekeerd, komt
geloof, d.
hij
zijn
hem
een ongerechtige
die nieuwe, ware, wezenlijke wereld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's