E voto Dordraceno - pagina 348
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
850
XLV. HOOFDSTUK V.
ZOND.
dat ge dankbaar
zijt
daaraan, dat
het aan
gij
en in veel woorden u
uw God
de binnenkamer gesloten hebt
gemeenzaam
Hem
telkens weer
wat ge naar
in
merkt
loopt;
maar
God, dat de
meer
nooit
man
zijn
Hem
voor
Heere
de
nood voor
allen
uw nood
al
Hem
een van
dat
verborgen
en
stille
met
dat
zijn
zijn ziel
kind
tot
het
te verschijnen,
ziel
nadert.
Hem
behoeft.
weer
verloste kinderen telkens
om
smeeken,
in het
niet vergeet en niet voorbij-
aangezicht uitbreidt
ja,
;
voor
Hem
verbergt
merkt de Heere uw
dien Hij als een brandhout uit den vure redde,
nu ook
hulpe zoekt, het noch van zichzelven meer noch van
elders
en daarom altoos weer met
zijn
en jammer
zijn uitverkorene niets
menschen, maar eeniglijk van Hem,
van
uw God
alleen, de voorziening af te
lichaam en naar het verborgen leven uwer
't
uw God
Merkt
en
zijt
eenzaam maar met uw God
gekende, en het toont door voor dien zelfden trou-
weer van Hem, en van
altoos
immers
eeniglijk
zelven toont; toont als ge alleen
toont als ge
;
Maar
toont daardoor dat ge dan in het verborgene
zijt;
kent als een van
wen Vader
verliest.
Hem
—
weerkeert,
gemeend
zijn
Vader
de angsten,
al
al
in
dan weet en
heeft, en in zijn
de hemelen, verwacht,
de nooden en
gebed
ziet
de zorgen
al
de Heere het, dat
zelf het bewijs geeft
van
zielsinnige dankbaarheid.
zijn
VIJFDE HOOFDSTUK. Als de Heere zich gewend deagenen, die gansch ontbloot
zal is,
hebbeu
tot het gebed
en niet versmaad zal
hebben hunlieder gebed. Ps. 102:
Thans staan uit
wij
voor de vraag, niet meer of
God het gebed
wat oorzaak Hij het reukwerk onzer gebeden van ons
uit
wat
terecht
hoofde
dien geven, die
wil dat
Hij
opmerkte:
we bidden
zullen.
wil,
eischt
;
18.
maar
waarom,
Gelijk onze Catechismus
„Hij wil zijn genade en zijnen Heiligen Geest alleen
hem met hartelijke zuchten zonder ophouden daarom bidden En natuurlijk, zoo ons geen dieper inzicht in deze
en daarvoor danken."
zullen
we
hierin berusten, en inmiddels,
smeekingen
om
zijn
verborgenheid gegund
Gods
heiligen, onze
voortzetten.
onverschillig
naar
uit.
is,
Intusschen tegenover
is
de zaak te hoog en te heilig,
te staan.
met
al
genade en zijnen Heiligen Geest
om
Ons peinzen en zinnen gaat
er koel en er vanzelf
Is het derhalve mogelijk hier tot eenig dieper inzicht te gera-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's