Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 323

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 323

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

323

ZOND. XXIII. HOOFDSTUK V.

Neen, zal God

den dag des oordeels u rechtvaardig keuren, dan moet

in

ge in den dag des oordeels ook als een rechtvaardige voor

En

staan.

dit

dan ook de leer der Heilige Schrift, dat metterdaad

is

Gods kinderen

zijn vierschaar

den dag des oordeels

in

al

zonder smet of vlek van

feitelijk

eigen zonde in zijn vierschaar verschijnen zullen. Ze zijn aan alle zonde afgestorven

God

als lichtende

dus

zal

der volkomen heiligheid deelachtig

ze zijn

;

het

zijn

rechtvaardigspreking in den dag des oordeels

zijn.

aan

streng

hier

want

vast,

zoo

eerst

maar

wezenlijke

van God, dat in den dag des oordeels

vrij uitgaat,

rechtvaardigmaking

geen

als

een gewezen zondaar,

in

het

fijne

lijnwaad

fictie,

maar

der

het

in

vierschaar

Er

Wat

staat in

is.

Gods vierschaar Hij verschijnt

is.

staat er zonder vlek of rimpel.

zóó uitdrukt, dat zulk een niet

niet zeggen wil, dat hij niet in

Gods

„dat wij allen voor den

duidelijk,

moeten geopenbaard worden." Maar het

rechterstoel van Christus

Elk kind

Hij

toch

staat

waarheid

zelfs

heiligen.

komt.

oordeel

verschijnt.

voelt ge hoe er in de

nu geen zondaar meer

die

Reden waarom de Heere Jezus het meer

en ze staan voor

laten uitgaan van personen, die op dat oogenblik

vrij

ook metterdaad heilig

Houd

De

starren.

;

dat Gods kinderen in deze vierschaar ingaan, niet

wil zeggen,

met het angstzweet van

den schuldige op het gelaat, maar met den jubel der verlosten op de lippen.

Dusver heeft men weinig

op

dit

de uitlegging der „rechtvaardigmaking" veel te

bij

van

verband

„rechtvaardigmaking" met het laatste

de

oordeel gelet, en heeft daarom steun in allerlei

men

verband, en ziet

dit

oog,

in

eindoordeel

dit

gezocht.

Doch

herstelt

hoe de rechtvaardigmaking van eeuwig

in,

Gods van het eindoordeel, en houdt men

rust op de voorkennisse

dat

men

fictie

alle

kind van

God ook

rechtvaardig zal bevonden worden, dan kunt ge alle

in het

wezenlijk heilig en fictie

opzij zetten

en

inzien hoe alles recht loopt.

De zijn

vraag waar

genade

overtreder

alles

God,

heeft

van

op aankomt onze

Gods

al

En gifte

zal

dus maar: Door welk wonder van

Ontfermer,

geboden

in zijn heilige vierschaar op den

smet van zonde

is

het

teweeg gebracht, dat

en schender van

zijn recht,

ik,

nochtans

dag des oordeels, zonder schuld en zonder

verschijnen ?

hierop nu luidt het antwoord

:

van den Middelaar en door de

Dit bewerkte Gods genade door de gifte

aan u persoonlijk van weder-

geboorte en geloof.

Hoe Wil

is

dit te

verstaan?

dit zeggen,

dat

God de Heere onze

straf op een ander heeft gelegd

en ons nu, omdat een ander persoon gestraft

is,

vrijspreekt?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 323

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's