E voto Dordraceno - pagina 179
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLI. HOOFDSTUK VII.
en
voortwoekeren,
dat
vaak het slachtofïer
liefde
Meer zeggen we
hier
kloeke woord van vaderlijke
manlijk
het
alleen
181
redden kan.
uit zoo booze strikken
maar ook minder mocht
niet van,
er niet van
gezegd, want de hooge preutschheid, die het oor gekwetst acht als er ook
maar
van
iets
Woord,
wordt uitgesproken,
met den practischen geweest,
oorzaak
dikwijls
te
dingen
deze
in strijd
dat het booze
Toch
schiedt.
maar
al
hier plicht, en zal nooit
oogpunt ge-
hooge soberheid hier steeds geraden, en daarom ein-
blijft
Zondag XLI
liever
woorden van onzen Catechismus: „dat
en woorden, gedachten en lusten van
ren
is
met Gods is
dit schild der
het, gelijk in onze opstellen, uit reUgieus
dige deze onze toelichting van laatste
in strijd
kwaad achter
stilzwijgendheid rustig voortwoekerde. Spreken
kwaad doen, waar
is
van het leven, en
eisch
alle
met nog
te letten
op de
onkuische daden, geba-
God verboden
en
zijn,
al
wat
den mensch daartoe kan trekken."
Kwade en
het
saamspreldngen. bederven goede zeden, zegt de heilige apostel,
metterdaad
is
onberekenbaar
hoe schromelijk veel kwaad vuile
kwaad
toch juist óns volk schijnt een sterke hebbelijkheid voor dit
kwaad,
een
met hun
krijt schrijven
men
waarin
hebben
door
lust
te
bevredigen.
nog
geheel
;
en
Ook hiervan
maar
laat
merken. Er
zijn gezelschap-
kan saamkomen, of altoos heeft
toespeling
allerlei
muren
en voorts niet alleen in de lagere, maar evenzoo
;
letterlijk nooit
neiging,
vrij
te
reeds uitkomt in wat onze straatbengels op alle
dat
in de hoogere en hoogste kringen valt op te
pen,
En
zondige woordspeling of de gansche equiooque taal sticht.
en
praat
men
zijn
men
er
onreine gesprekken een verkeerden
onze Christelijke kringen gelukkig
ze er vrij van houden, en allen boozen
zuurdeezem uitzuiveren. Niet minder dient gewaakt tegen booze literatuur.
Zij
was
het, die op
het laatst der vorige eeuw heel de maatschappij verpest heeft, en die ook
nu
weer
bezig
consciëntiën
ten
begint
toenemende mate de geesten
verontreinigen. Heeft
te
literatuur
soort
in
is,
beet,
leste
een
dan went
in onze
waarschuwen,
Gids, eens zoo
men
laf te vinden, en grijpt
onbeschaamder en schandelijker
literatuur.
fijn
En daarom kan men onze kringen niet ernstig geom al zulke lectuur volstandig te bannen. Zelfs de
van smaak,
Doch onze Catechismus dig wat
deze
er aan, verlangt al sterker prikkel,
Nederlandsche literatuur begint dat kwaad weer op gevaarlijker
wijze door te breken.
noeg
bezoedelen en de
men eenmaal den smaak van
gewoon slecht boek reeds
tenslotte naar al erger, naakter,
Ook
men
te
offerde reeds aan
gaat, en terecht,
den boozen demon.
nog verder, en
stelt
zonder gesprek of boek, in zijn verbeelding en in
zijn
ook schul-
gedachten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's