E voto Dordraceno - pagina 197
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. IX. HOOFDSTUK
een wet van God
Tien geboden, en er
in de
Dan
kracht gaat.
alle
Aan
deelen te deelen. zelden bezig
ééne
de
uw
warmte,
en
noch
opmerkt,
uw
in
dan
geestelijk terrein op
komt
deel van
grooter
licht
zijn ordinantie
En
leven laat opgaan.
uw
leven, in
uw
het
zoo vreemd en zoo ongewoon,
u
eenmaal die wet van uw God
weer zien in
machtige
ééne
alle
uw
wet
beseffen en redeneeren
God
van
heel
gebod
is
dienzelfden
Hij
heeft.
is
om
Maar
vinden.
op
ont-
uw God en
uw
uw
tot in
dan omsluit allengs
aanzijn en al
uw
leven, en
wet van
uw God
CXIX
terugvondt.
het dan ook, en
„Heere, in alle volmaaktheid heb ik een einde gevonden,
uitroept:
Uw
zeer wijd," en
met
weer die wet en die ordinantiën van even
te
toe,
Zoo verstond en begreep de zanger van Psalm als hij
uw
zijn en verwonderen, bijaldien ge nu op zedelijk en
u vreemd
het
ge
als
leven van steen en plant en dier, in alle
geestelijk terrein niet geheel diezelfde
maar
natuurlijk,
voedsel en drank, in
leven in huis en op straat geen wet Gods ziet
klinkt
sprake en taal, tot in
zou
dat geestelijke, waarin ge immers
zijde
en maatschappelijk en rechterlijk en staatkundig leven,
huiselijk
die
het leven in twee
aan die valsche scheiding, en gaat ge de wet van
ge
is
en aan den anderen kant dat alledaagsche, zichtbare leven,
zijt,
dat
in
Er
:
die over alle dier
om
toch went ge u er aan,
waarin ge twee derden van
dan
niet zeggen
een bestel voor de eeuwige
is
nu losmaken van de wet Gods
zaligheid, en deze twee
en
Ge moet
scheiding maken.
Ge moet en moogt geen
191
II.
zin,
nooit eindigende refreinen altoos
zijn
God
verheerlijkt,
dan
is
het in
dat ook deze zanger die wet des Heeren verstaan
de Heere, en daarom Zijn wil heeft voor alle schepsel én
het aanzijn én de wijze van aanzijn bepaald.
Dit dus vooreerst; maar hier komt nu een tweede, geheel hiervan onderscheidene zaak voor
het
aanzijn
bij,
t.
van
w. dat
alle
God de Heere, na eenmaal
schepsel bepaald te hebben, zich
het scheppen en onderhouden van
bij
zoo
komen we
vanzelf op wat
men
dit schepsel
in
zulk een wet
nu ook
zelf
aan deze wet bindt en ;
engeren zin den raad des Heeren
pleegt te noemen. Gelijk
men
weet,
hangen
alle
schepselen saam.
Om
ook hier ons tot
het eenvoudige te bepalen, ten einde een enkele druif te laten groeien
én het
bestel
is
van de zon én van de werking van warmte en lucht én
het bestel van den regen en van het vocht in zijn wetten, én het bestel
van
de
aarde
houtweefsel wijnstok
is
en
haar
voedende bestanddeelen, én het bestel van het
noodig met de kanalen waardoor het vruchtsap opstijgt.
dus niet op zich
zelven uitgedacht en geschapen, maar
dacht en geschapen in verband met
al
wat er
is.
En
De
uitge-
zoo vat ge dan, hoe
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's