E voto Dordraceno - pagina 329
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
XIL HOOFDSTUK VIL
ZOND.
namelijk
kwam
daardoor
Middelaar
waar
terstond
Een redeneering sprekelijk
en het dus voor ons niet kon.
te volbrengen,
die op dat valsche
iets
dat zulk een menschelijk individu
volgde,
uit
had
zelf
;
standpunt volkomen juist en onweer-
is.
Van meet
daarom onze Gereformeerde kerk
af heeft
gewaarschuwd,
tegen
uitwendig op, en
te
naast andere menschelijke individuen was
individu
natuurlijk
den Middelaar
de zoo door en door verkeerde voorstelling alsof de
tot
een
wet voor zich
de
van
plaatshehleedende
het
323
men
dat
toch
Christus
in
er zoo dringend
mensch
geen
andere menschen zou zien, en nooit zou zeggen, dat de Zoon van menschelijken persoon, maar alleen dat
hij
naast
God een
onze menschelijke natuur heeft
aangenomen.
De Middelaar waar
Zoon van God natuur, naar
Ware
blijft
treedt
maar
is,
ziel
en
is
optreedt,
hij
onveranderlijk de Zoon van God, en overal
treedt op de
Zoon van God
in onze menschelijke
en lichaam beide.
het een menschelijk persoon geweest, dien de Zoon aannam, dan
Neo— Kohlbruggianen
hadden de
wel moest zijn toegerekend
;
met
alle
recht,
om
gelijk,
dat
hem
ook onze schuld uit
en hadden de Irenischen
zich zelf de wet volbracht heeft strijdt
een menschelijke persoon op, die tevens
niet
een
onschuldig
dat
gelijk,
en hadden de Modernen
;
Adam voor
hij
dat het
gelijk,
persoon
voor een schuldig
nam
onze menschelijke
persoon te laten sterven.
Heel deze voorstelling
dan monstrueus.
is
Neen, de eenige en natuurlijke Zoon van God natuur aan
;
natuur aan één individu, maar
niet gelijk die
heel ons menschelijk geslacht behoort; en uit dien hoofde
anders
dan
in
alles
plaatsbekleedend voor ons staan.
deed, deed onze menschelijke natuur in en door
voor
zich
zelf
de
aan
gelijk ze
nu kon
Want
hij
al
hem, en dus kon
nooit
wat
hij
hij
ook
wet niet volbrengen, maar wierd ze in en door
hem
volbracht voor onze menschelijke natuur.
Verderop in den Catechismus komt hier
maar
hier
alles
achtiglijk
reeds verstaan
is,
dit
breeder ter sprake
;
genoeg, zoo
hoe een valsche leer aangaande den Christus
verdorven heeft, en hoe terugkeer tot de zuivere, alleen waarvertroostende
belijdenis
eerst
dan mogelijk
is,
als
de grond-
dwaling die in den Middelaar een menschelijken persoon naast de andere menschelijke personen
De
plaatsbekleeding
ziet, is
met
bij
tak en wortel
is
uitgeroeid.
den Middelaar niet een inbreuk op het recht
en ook niet een eigenwillige aanbieding van den eenen mensch voor den ander, heeft
maar
hem
uitvloeisel
van Gods
krank gemaakt. Onzer
wil.
aller
Hij heeft
hem
verordineerd.
Hij
ongerechtigheid heeft Hij op
hem
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's