Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 356

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 356

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

XLV. HOOFDSTUK

ZOND.

358

niemand dan

drinkt

geven

lang

niet

hoogen nood. Een ieder

in

in de bergen thuis

VI. die het bergland kent

Maar ook

drinkt bron-, geen beekwater.

is

en

bronnen

men

verkwikkend water, en gemeenlijk vindt

een

alle

die

op een dagreize niet meer dan tien twaalf kleine bronnen, die recht goed

water

opgeven.

Soms

zelfs

Maar

weg langs komt, en

of de herder dan den

bron bron

hand

de

voor ritselt,

goede bronnen kent de bergbewoner dan ook.

die

dan gaat

door en duldt zijn dorst, en drinkt niet eer

hij

in

het

mogen

hem

water dat

als

wacht. Dit nu

Omdat

als

is,

we ons zoo

die herder uit die heerlijke fris-

meermalen gedronken had, omdat

bron

hij

voorsmaak genietend

bij

een gebed met dankzegging, sterker nog: een gebed

uitdrukken,

dat uit de dankzegging voortkomt.

sche

de jager

min goede

dorst heeft, en een

ware bron bereikt heeft; onderwijl reeds koele

als

maar weet dat een kwartier verder de goede

heeft,

de

frissche

En

geteekend en toegankelijk gemaakt.

ze

zijn

hij

in het

drinken van dat

water had genoten, en omdat in zijn dorst de heugenis van dien heerlijken

dronk levendig

bij

hem was

voorbij, en rust niet eer

En

zoo

immers

bepaalt

en

de

bron,

het ook op onze pelgrimsreizc

is

die

eertijds ons deel werd,

de springader van

fontein,

Heere onzen God

de en den Heiligen Geest

Wie

nergens elders dan in den

moge

bidt, of

bij

Want

God hem

„hartelijk

niet,

zuchten" beduidt volstrekt

gebed

stil

uitgetogen,

om

niet,

stille

met

dat ik

is,

ondenkbaar

en dat alzoo

verzuchting mijns harten

genade, waarin metterdaad de

eenvoudig

is

van honger en

en zuchten, maar beteekent, dat

zitten stenen

smeeking mijner lippen zich de

zulk een

wordt

gena-

en mist dien hartstocht

mijn gebed in mijn hart en niet op mijn lippen geboren

En

zijn

verleenen, verstaat het „hartelijk zuchten"

Schrift zoo schoon onder het beeld

wanhopend gelaat ga

in die

ons gebed richt

bijna gedachteloos, bij veel andere din-

kent de brandende begeerte naar genade

naar genade, dien de

een

Wat

en voorts de wetenschap dat de

dit heil

gen, er ook nog zoo in algemeeue termen

dorst teekent.

andere water

alle

Hierdoor nu wordt het verband tusschen ons gebed

is.

en onze dankzegging gelegd.

niet,

hij

de heugenis van wat we vroeger genoten, van geestelijke

is

verkwikking

geworden, daarom gaat

de aloude bron weer ritselen hoort.

hij

zonder

ziel

heimwee

uit.

God

voor

naar wat

vroeger genoten werd en zonder heugenis van de genade die vroeger, uit de

Bron van

alle

genade u toegevloeid, u had opgebeurd en verkwikt.

de psalmist zingt

U is

:

de eere geven",

Och werd ik derwaarts weer is

dan verlatenheid, er

bij is

alle hartelijk

tijds

uit

de

Fontein

van

alle

hoe zou mijn

ziel

zuchten vanzelf uitgangspunt. Er

in de ziel iets

nu komt de heugenis op van het

geleid,

Wat

van het gansch ontbloot

heerlijke water des levens, dat

zijn,

we

en

eer-

goed indronken, en hoe die teug ons het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 356

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's