E voto Dordraceno - pagina 232
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. X. HOOFDSTUK
226 mededeelt
van
luisteren
open
maar wanneer
vak;
het
met
wij
ooren,
III.
want alsdan spreekt de
zulk een Scheikundige
man
nu ook nog zekere
theorieën over allerlei wijsgeerige en theologische onderwerpen uitstalt, dan
moet
hij
ons veroorloven, dat we aan dit zijn gekeuvel al bitter weinig
waarde
toekennen, en ons voor wat deze onderwerpen aangaat liever tot
andere
mannen wenden,
Dat Jenner
ziekten,
allerlei
die
nu van déze vakken weer
en Pasteur onderzoek doen naar de dit
hun
is
Maar
uiteenzettingen.
als
en
recht
en
of de
met bewondering volgen we hun
God
besteld worden als een oordeel,
gedwongen vaccinatie geen afbreuk doet aan
hebben
dan
Jenner
woord aan den
en
jurist
Pasteur ons niets meer
zedelijke rechten,
te zeggen,
maar
is
het
en den theoloog.
Voor twee gevaren hebben we ons dus wel keerd doen, zoo we
om
kunde
of
verachtten,
oorzaken van
we nu aan de geheel andere vragen toekomen,
deze ziekten en plagen ons door
of
studie maakten.
stoffelijke
We zouden ver-
te hoeden.
deze naturalistische kwakzalverij de echte Natuur-
weigerden
erkennen, dat ook deze wetenschap
te
een gave Gods aan ons menschelijk geslacht
is.
Omdat
de Natuurkunde,
door haar ongeoorloofde bemoeizucht zooveel kwaad brouwt en dies onder de
geloovigen
binnen
haar
kwade reuke kwam, mag
zoo
in
perken
den anderen kant dient er scherp toegezien op
om
ze als wetenschap, mits
door niemand geminacht.
blijvende,
alles
Maar ook van
wat ze ons toezendt,
wel te onderzoeken, of ze ook weer verboden waar binnensmokkelde,
en weer staan ging aan wat haar niet toekomt.
Vraagt
men nu wat
hoofdpunt
het
uitnemend
gevat,
bij
deze bestrijding van de
toen
ons op dat loof en gras, op
hij
regen en droogte, op jaarseizoen en op
waar
slechts
Natuur verheerlijking
het aankomt, dan heeft de Heidelberger dit
waarop
is,
hij vluchtig over
spijs
en drank,
allerlei
krankheid wees; woorden,
kan heenlezen,
die niet begreep, waartoe
deze opsomming hier dient.
De
zaak
In
de
natuur
is
is
namelijk deze.
natuur niet
om
ons
heen
grijpen zekere afwisselingen plaats.
een huis, dat ons, jaar in jaar
uit,
bestendig denzelfden
gevel en op dienzelfden gevel dezelfde lijnen en sieraden vertoont; ze
is
als
een
opvolgende
drama dat
bedrijven.
Eerst
leeft
maar
en opgevoerd wordt in elkander telkens het
is
De
nacht; dan komt de dag. Uit den
winter gaat ge in de lente; uit de lente treedt ge in den zomer ; onge-
merkt schuift ge dan den herfst terug.
Eerst
is
de
in
;
en ten leste keert ge in den winter
aarde groen van loof en gras, dan weer grauivt en
grijst ze, en ligt eigenlijk voor
u in het blanke wit van de sneeuw.
Nu
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's