Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 514

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 514

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. L. HOOFDSTUK

516

nu

waar

om

de bede

en de dank voor het

II.

licht in onze oogen,

en den

stroom in ons bloed, en de rapheid van onzen voet, en zooveel meer slechts

nu en

dan, ons tot dank zal uitdrijven, heeft Jezus het alzoo verordineerd,

God de

dat we althans eiken dag eenmaal onzen

de

waarmee

spijze

eere zouden geven van

Hij ons voedt. Hij spijst ook de jonge raven en Hij

Hem

voedt ook de vogelen in het woud, maar deze kunnen

niet danken.

Wij kinderen der menschen daarentegen hebben de dubbele gave ontvan-

God ons

gen, én dat

schepselen

en het

;

en

meer

uwe

uw God. Onze bede

:

innerlijke onwaarheid,

dan

werk der

:

daar staat,

is

dus geen

u

als het voor

„Heere mijn God,

is

dat brood nog van

ijdele

klank noch een

staat, in letterlijken

dit alles is het

Kom

uwe. Gij

dan nu, en

en deel Gij het aan mij en aan mijn vrouw en kinderen

mij,

dat

als het

maar ook dan,

en laat ons alzoo saam

waar,

heerlijk

dezen morgen en middag mijn gastheer.

ook

het

Zoo

niet.

bedoeld. Ze beduidt dan

uit,

plicht

dankzegging

in overvloed gereed staat, toch is dat brood, dat daar

Geef ons dat brood,

geef

in de

schepsel toekomt.

zijn

voor u staat, nog het

zijt

gebed en

gaat ge aanzitten aan een welvoorzienen disch, waarop het brood

al

zooveel

zin

daarom rust op ons de

in het

is

menschenkind dat God de eere van heel het

zijn

voeding en instandhouding van al

Ook

weten, en omdat wij de eenige

dit

die hiervan kennis dragen,

zijn,

van gebed en dankzegging van

we

voedt, én dat

brood

gij

uwe

arbeid was de

zelf

niet.

uw genade leven." — Want het is wel uw arbeid gewonnen hebt, maar ook uw

bij

door

Immers

de kracht, die

al

gij

om

dat

was

in zijn dienst, dat gij dien arbeid verricht hebt.

brood

verkrijgen,

te

uw

niet

was kracht van God,

eigendom, maar

hebt ingespannen,

die in

u werkte. Het

En wat

die arbeid

het eigendom van

uw

God.

opleverde,

is

De arme

weet dat dan ook zeer wel, en menig vrome onder de armen

dankt

God wel

zijn

huiswaarts

keert.

De

vindt ge dan ook veel

om

de

drie

klein Iets

hebben,

zijn.

uit

spreken.

Er

des zaterdagsavonds

op

met

zijn

loon

dit stuk, die bijna nooit dankt,

de rijker bedeelden, die

salaris innen en

om

de

maand

of

hun coupons knippen: want

moest brengen de mannen en vrouwen, die de ge-

ook

als

hun

salaris

inkomt of de coupons verzilverd

hun God

te danken, de schare zou bijster

zijn er wel, die dit doen,

maar

ze zijn weinige in aantal.

ge wel niet hoofd voor hoofd na kunt gaan, maar wat ge wel

wat

merkt

En

om

bij

voor dit ingekomen geld

zijn,

als hij

goddeloosheid

meer

maanden hun

waarlijk, als ge bijeen

woonte

degelijk,

blijft

de rerzekerdheid waarmee ze over hun traktement en hun geld

Het

is

of het alles buiten

God omgaat.

toch hier ligt de grondfout, want wie het loon op zijn arbeid of zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 514

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's