E voto Dordraceno - pagina 355
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
nog
Een leven des gebeds houdt heiligen
stillen,
Door
bidden.
nooddruft,
het
En
gaven.
bidden
verscherpt
zelf
het
als
in het
God daartoe
ons
het
van Gods-
gestelde middel.
de
de
behoefte,
honger en dorst naar hemelsche
ja,
alzoo dat het gebed een schakel
is
evenmin
ontbreken,
het van
vanzelf heel het leven en alle levensuiting
verlangen,
innerlijk
het
is
Zulk een leven went aan het bidden, en leert
toon.
het
357
worden door het aanhouden
bijzonderlijk bevorderd
wege verordende gebed. Het gebed
in
V.
opendoen
van
is
die hier niet
mond
den
bij
het
han
nemen
van voedsel.
Nu
spreekt het wel vanzelf, dat zulk een gebedsstemming, zulk een ge-
bedsleven,
en
zulk een gebedspractijk op zich zelf reeds een vrucht van
in ons gewerkte genade
Zonder den Geest der genade en der gebeden
is.
niemand goed. Maar ook
bidt
al is
het waar, dat een jong kind nog niet
eten kan, en eerst door het zuigen, later door het gevoerd worden, eerst
van
eten leert, toch
lieverlee het
zelf eten, en daartoe den
blijft
mond openen
het niettemin waar, dat het later
moet.
En
zoo
nu ook
blijft
beide
het geestelijke waar, ten eerste dat niemand zonder voorafgaande ge-
in
nade recht bidt; maar ook ten andere niemand nieten,
om
dan na vooraf
de genade zijn
God
te
rijkelijk
genade kan ge-
hebben aangeroepen.
ZESDE HOOFDSTUK. Laat uw- aanschijn lichten, zoo zullen wij verlost worden. Ps. 80: 206.
Met het bidden ook: „Dank
God
het danken verbonden. „Bid zonder ophouden"
ligt
in alles"; en zoo zegt
zijn
genade
met
hartelijke zuchten
„danken" Daarin
en
nu
toch
Gode toekomt. Maar
Op
te
de
er
Hem om
aanroepen, „ew daarvoor danken". Dit
anders
voor dan in de voorafgaande artikelen.
hier
prijs,
dien lof en die aanbidding, waarvan de offerande
hier verschijnt dezelfde dankzegging in geheel ander
en wordt ze beschouwd
genade
wil, die
vormde de dankzegging een deel van de lofzegging, en be-
hoorde alzoo tot dien
licht,
dan ook de Catechismus, dat God
den Heiligen Geest allen dengenen schenken
komt
maar
verrijken,
bergen
als
van God verordend middel,
en in dien zin op één
laaft
men
lijn
gesteld
zijn dorst uit kleine
om
ons met
met ons gebed.
bronnen. Uit de beek
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's