Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 379

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 379

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

XLV. HOOFDSTUK

ZOND. zijn kan.

gen

v/e

Ge

dat in het gebed de rechtstreeksche ontmoeting van het

alzoo,

met

gebed

maar en

Immers

op tot zoo hoogen stand, dat ge tegen

schap

Gode

en

dat

uw

zoo

zin

veel hoogeren zin

in

al

maar

niets

zin,

voert ge dat geloof

het zichtbare,

in,

nu

toont

is

uw God

te

uw

het gebed de realiteit van

dan de offerande uws

van het echte bidden

heeft,

maar

die ge

zelfs

omdat

leven brengt. Dit schijnt wel soms anders, bijna

nu

kunnen ontmoeten, en met uw God gemeen-

kunnen hebben. In dien

te

in

gebed

te

kan er

wijs

die drie vragen geeft

ge bidt, bidt in echten waren

als

gelooft ge niet slechts,

kunnen vinden, uw God

religie,

naderen? Op wat

gemeenschap ontstaan? En op

het antwoord.

belijdt ge niet

Hem

Hij? Hoe kunt ge

is

Hem

tusschen u en het

Schepper plaats vindt.

zijn

spreekt van een God, ge belijdt een God, ge gelooft in een God, alles

maar waar

wel,

381

Als eerste generale grondbeteekenis van het gebed verkrij-

ren

creatuur

IX.

veelal ons

als er waarlijk

door u gebeden wordt, zoodat ge in der waarheid voor den Troon der ge-

nade verscheent, Hem, den Heere uw God kendet en vondt, Tente gemeenschap met

om uw ziel tot Hem

Hem

hebben, dan

op

te heffen,

er

geen hooger acte van godzaligheid mogelijk, dan deze zielsontmoeting met

uw God

in

en in

zijn heilige

uw Gebed. Immers

te

zulk een ontmoeting, als ze echt en zuiver zijn

eischt op dat eigen oogenblik de saamvatting van heel

zal,

uw

heel

uw

persoon en

leven, ora diep de ontzettende tegenstelling tusschen den

God en uzelven

en heihgen

tigen

is

almach-

en zondig creatuur

als vergankelijk

te

gevoelen, en desniettemin deze ontzettende tegensteUing door de gemeen-

schap met den Middelaar en lossen, dat het

„Abba,

Hierbij echter in

de

en

natuurlijk

lieve

zijn zoenoffer,

zoo innige harmonie op te

in

Vader" geen leugen op uw lippen

komt nu nog een tweede grondbeteekenis van het Gebed

levensuiting

der

religie,

complement

is

Gebed het noodzakelijk

het

voorzoover

van

het Gebod en het Geloof.

gewaarwoording in het leven van den godsdienst wil,

als. over ons gebiedende,

dat

God

in zijn leven

machtige

factor

tusschen

God en

zijn

schen niet verder.

Wie

wording

Wet,

heeft,

wordt

mee gaat

zijn leven

in

dan

ziel

is

die

De

eerste

van Gods heiligen

ons een perk stellende, en over ons heer-

schende met heilige mogendheid. Eerst wie

daad

zij.

dit ontwaart,

tellen,

dat

bespeurt metter-

God de Heere

als

een

inkomt, en dat er een godsdienstig leven

moet opkomen. Zonder meer komt ge

intus-

toch zelf zondig in zijn hart, geen andere gewaar-

van

de openbaring en ontdekking van Gods heilige

terneergeslagen en afgestooten,

hij

vlucht voor

vlucht den Heihge, en de religie, die juist op gemeensehap

wige doelt, wijkt veel meer van

zijn hart.

Daarom

God en

ont-

met den Eeu-

volgt dus op het

Gebod

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 379

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's