E voto Dordraceno - pagina 34
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
28
ZOND.
Wet
Blijkbaar duidt de
schen
wat
op
geest,
wij
HOOFDSTUK
II.
II.
hier op de onderscheidene uitingen van
noemen de uitingen van
bewustzijn en van zijn handel, en van al deze uitingen
dat
gesteld,
levensbeweging, die er in plaats
de
al
oorzaak en richtsnoer zal vinden in de
Niet
een
gemoedelijke
liefde
maar een
handelingen, neen, deze drie werkzaam
nu wordt de
zijn
eisch
geheel haar
grijpt,
liefde.
achter alle deze drie schuilt, in al
en door elk dezer drie levensuitingen spreekt.
is,
hebben dan
of oorsprong
kracht
men-
naast onze neigingen, overdenkingen en
liefde, die
u mag geen andere
Alle zin, alle besef, alle daad in
uw
's
van
zijn hart,
in
aandrift of stuw-
de allerzuiverste toewijding van heel
persoon en aanzijn aan den Heere uwen God.
En
deze eisch wordt u zoo gesteld, niet dat ge allengs en van lieverlee
hoogen
dezen
tot
van volmaaktheid komen moest; neen, maar in
trap
dezen onverbiddelijk gestrengen
nu en
of grijsaard,
uw wezen
Wet Gods
voortkomt
eeniglijk
dat ge, klein kind of groot man,
van
uw
God.
uit liefde tot
Ja, sterker nog, die
uw
derwijs onverbiddelijk, dat ze ook voor
is
man
leven, uit geen der deelen van
andere beweging zult laten uitkomen, dan die ge-
ooit eenige
en
heellijk
zin,
elk oogenblik
verleden u den-
zelfden gestrengen eisch oplegt. Nooit, geen enkel oogenblik, waart of
Wet
ge voor die in
bestaan, tenzij al
zijt
de diepste en verborgenste roerselen van
liefde
Dit
en al
uw
hart, enkel door zuivere
dat liefhebben
ligt in
uw
met uw gansche
hart,
beproeven,
geen
pogen,
geen
ieder onmiddellijk en zonder
een
Boek der Wet, dat
Juist
hem
zij
ophouden gansch volmaakt
hij
dit
wat geschreven
zijn.
is in
het
doe!"
uw Vader
in de
hemelen
is."
in
de
Liefdewet
ligt
voor den eens gevallen zondaar dus, wijl
voor een volstrekte onmogelijkheid plaatst, zijn diepste ellende;
maar tevens eere,
verstand,
Wet Gods
streven dus. Voor de
ook: ,Weest dan gijlieden volmaakt, gelijk
volmaakt
uw gansche
kracht.
„Vervloekt is een iegelijk, die niet blijft in al
En
heel
voor den Heere worden bezield.
Geen moet
Wet of kunt uw persoon tot
ge goed voor de
uw levensweg en
ligt in
deze diepe opvatting van de
God een mensch
waartoe
Wet
toch ook de hoogste
verwaardigt, en de machtige handgreep,
waarmee God Almachtig ons gevallen geslacht ophoudt.
Ge hebt
o.
aflaat,
de
gelijk,
het
is
een vreeslijke wet, die
Wet
Gods, die nooit
eer ik alles uit enkel liefde zon, bedacht en volbracht
wanhoop
in de ziele stort en onmenschelijk
zou
zijn,
;
een
Wet die
zoo ze niet ver-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's