Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 261

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 261

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XI. HOOFDSTUK

Had

de Heilige Geest zich over den Christus en had de Christus zich over zich

zelven

en „dit

wen en

om

weg den Christus

langs dezen

JA;",

leeren kennen, wantrou-

te

ongeloof, ja, eigenlijk een zeggen tot den Heiland

wel. dat gij die

ongeloof

Twijfel,

maar op uw woord kan

zijt,

men

het dus, als

is

Christus na gaat speuren. aldus

zoo stellig mogelijk gezegd heeft :„ Z)ie èew

het eeuwige leven, dat gij gelooft, dat ik Die ben" nu ligt in

is

elk pogen,

nu

uitgesproken, zulk zondig onderzoek zou te verontschuldigen

niet

Maar nu de Christus

zijn.

255

I.

Men

ik

verklaart

Gij

:

dat niet gelooven.

weg den

langs dien empirischen

woord

gelooft Jezus op zijn

En nu

over zich zelven spreekt, is niet afdoende.

niet.

zal de

studie, de opgeblazene geleerde, de verwatene wetenschappelijke

Dat

hij

man van man Jezus

eens na gaan rekenen, of zijn verklaring aangaande zich zelven wel strookt

met de

overige gegevens.

En

Maar

oordeelde.

juist

aangaande

weten dan

zal het beter

En

met

met zonde en schuld

hem

dat Renan hem

als

zal zijn verklaring

mag Heeren omverwerpen. En Dit

is.

niet geduld. Dit of

nu

al

is

de apologeet

formeel volkomen

in

den Christus

is

het even krenkend en beleedigend,

Voor Jezus

van wetenschap

dan

bevredigende uitkomst geraakt en Renan eindigt

een

tot

uit,

en de ingebeelde godgeleerde

Heere.

zijn

principieel de autoriteit des

hetzelfde.

niet

de kracht die in haar

al

toevalligerwijs

komt het

moet de gemeente des levenden Gods opkomen en

nu

hiertegen

getuigen

ook,

Heere

zal de

waarheid sprak en over zichzelven

hij

zelf gerectificeerd worden,

zich

dan

als dit txu uitkomt,

ja,

Jezus een legalisatie ontvangen, dat

verklaren

te

vinden, dat

is

als gij, als

man

komt Gij hadt juist van uzelven geoordeeld, :

lasteren durft:

„Gij waart een vriendelijk dweper

!"

Vast sta daarom onder de gekochten des Heeren, dat ze zich noch in het

bidvertrek,

noch op den kansel, noch in de studeerkamer

laten verleiden tot de zondige zucht,

Heere zelven in Persoon Alle

zijn

om

die

hier

die dit

hand naar

de

moge

buiten de verklaringen van den

Woord, zich een oordeel

Wezen. Alle Christologie

en

geleerdheid

ooit

te

willen

vormen over

zijn

onderneemt, moet verfoeid.

uitstrekt,

moet onverbiddelijk

buiten het heilig erf gebannen. Leerjongens Christi hebben we te wezen, allereerst en allermeest als het op het

wie de Middelaar

Wie

te

wat hem op de lippen

getuigen van wat is

In dat getuigenis, in die belijdenis

om

zaligheid

het

te

te

weten

is.

daarna niet anders te doen dan

tot

om

leerjongen Christi van zijn lippen de waarheid opving, heeft

als

te belijden

hoofdpunt aankomt,

om

te gelooven,

verstaan;

en met

maar dan

hij

gehoord heeft en

gelegd.

moge zijn

blijft

hij

dan met de

denken indringen én

bij

ziel

indringen

tot keunisse

dat gelooven én

bij

dat

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 261

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's