E voto Dordraceno - pagina 120
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. VI. HOOFDSTUK
114 eerst,
na
zagen we zelven in de Vragen
al
gaan
te
dan
hoe
de Heilige Schrift behoefte,
die
is
nood
een
om
— 12,
hoe noodzakelijk het
om
die
nood onzer natuur, en het karakter van dien hach-
Maar ook
en
ten andere, wie erkent, in zulk
daarmee
ellende te verkeeren, die belijdt juist
geestelijke
stekeblind wierd, en dat
het vermogen in zijn bewustzijn ontbreekt,
om
ook maar met zekerheid
nu een
hem
vanzelf en daarbij ingesloten, dat zijn oog
lieden
allerlei
nood
en
zijn
te
beslissen. Is het
het
Middelaar
nu
of
belijdt,
mensch
uit
dan
dan
toch
vragen
En
is.
men aan
ook waar
de hand der
onmisbaar kenmerk van den echten
als
we wederom,
of iemand, wie hij
ook
zij,
het getuigenis des Evangelies om, zou weten uit te maken,
zoo
komt het kind van God dat
eenig goede antwoord
zame en
i.
met een
weet
dit
is,
uit
ik
alleen uit het heilig
Evan-
geloofskennisse, die straks natuurlijk door geestelijke
kan bevestigd worden, maar
ervaring
hier spreekt, dan vanzelf tot het
„Dat Christus Jezus de waarachtige en algenoeg-
:
wezenlijke Middelaar
gelie." D.
altoos
dat er keer op keer
Jezus Christus metterdaad dit God-zijn gevonden wierd.
in
En
feit,
opgestaan, die zich als „redders van den
God-zijn
buiten
ooit
in geestelijke dingen iets
ellende" hebben aangediend, dan spreekt het toch vanzelf,
uit
dat hier geestelijke kennis noodig Schrift
is,
ons te kunnen redden,
verkregen. Integendeel, alleen door de Heilige Schrift
nood voor ons ontdekt.
lijken
7
moest
zijn
kennisse van onze ellende daarom nog volstrekt niet buiten
die
is
Middelaar
een
III.
en naar kiem toch
die in beginsel
den wortel der Heilige Schrift opspruit; of wil men, met het
beeld van het water, die oorspronkelijk toch altoos uit de bron der Heilige Schrift geput
is.
Of zou het voorliefde
wanneer
wellicht,
plegen
de
op
te
gelijk veel halve lieden hier
merken,
Catechismus
niet
toch
eigenlijk
gaarne met zekere anders
iets
de Heilige Schrift,
bedoelen,
maar het Evangelie
noemt?
Men
weet, ook dat wordt veel gedreven.
zoet, zoo mild, zoo ruim,
Gelijk
om
het
vooral
om Of
velen,
vooral
en dan moet,
om
Evangelie dienst doen, in
Groningers
te dringen, zoo
invoerde.
is
zoo, het heilig
hebben ten onzent
den term „Evangelie" op stuitende
het gezag van de Heilige Schrift op liever, zij
het
Duitschland, het Nieuwe Testament misbruiken
allerlei
manier
wijs
Oud-Testamentische
gebezigd,
te ondermijnen.
mannen in een men Evangelische gezangen
volgden hierin slechts na, wat vroeder
periode reeds begonnen waren, toen
en
ja, waarlijk
klinkt zoo
de Heilige Schrift uit haar voegen te lichten.
Oude Testament van de baan de
Het Evangelie, dat
Psalmen,
weet ge!,
en
vroegere opstelde
dan
daar-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's